Gratis nieuwsbrief Meld je aan voor de gratis e-mail nieuwsbrief van Nursing, TvV en TvZ. Klik hier

Blog Sandra: 'Een pittig avondje'

Sandra pleegt van hot naar her, infuust, prikt, antibioticaat, praat, bemoedigt, stelt gerust, venflont, en dossiert dat het een lieve lust is. Ja, ze doet haar stinkende best tijdens deze drukke avonddienst. Maar de volgende dag blijkt dat toch niet genoeg te zijn.
Blog Sandra: 'Een pittig avondje'
Foto: Stockexchange

Mijn beroep hoeft niet zo ingewikkeld te zijn. Met een beetje ervaring, wat conditie en creativiteit kom je een heel eind. Maar soms is het of de verpleeggoden je grenzen testen. Zo'n dag had ik eergister.

Ik heb late dienst en negen patiënten. Dat moet te doen zijn. Eén iemand moet nog terugkomen van haar operatie. Eén iemand is net terug, maar heeft nog niet geplast. Een derde patiënt is net terug van de IC. Meneer nummer vier is delirant, sinds een half uur. Mevrouw vijf moet nog een nieuwe venflon krijgen. Ach, ik heb uren de tijd en ik houd wel van een uitdaging, zeg ik, terwijl ik al die vroege diensten de gang op duw. Wat een drukte, ga naar huis!

Zij geven mij de telefoon. Die gaat. Er moet een opname worden gehaald. Mijn collega loopt naar de SEH. Daar wil de patiënt niet mee. Mijn collega loopt patiëntloos terug naar de afdeling. Daar belt de SEH boos. Waarom ze is weggegaan? Ze moet nu terugkomen, de patiënt móet worden opgenomen. De patiënt komt op mijn kamer. De man is boos. Had niet willen blijven. Na enig praten overtuig ik hem van onze kwaliteiten en zijn gevaren. Hij blijft.

Dan mag de mevrouw van OK worden gehaald. Gelukkig gaat het heel voorspoedig. Ze eet en wordt niet misselijk en daarna plast ze en die andere OK-meneer plast ook. Maar die wil ineens vandaag naar huis. Ik heb er gedoe van, maar hij is er blij mee. Dus ik regel en hij gaat.

De druk loopt op. Familie wil bezorgd ruim tien minuten praten. Dan andere familie. Ach, ik heb toch niet zo'n honger. Dan breng ik een venflon in, in één keer. Waar maak ik mij ook druk om.

Dan piept een ander infuus. Gesneuveld. Dat wil zeggen: nieuwe venflon. Ik prik. Raak. Tijd voor antibiotica. Wel een stuk of zeven. Ik hang alles bij de juiste persoon. Bij iedereen meet ik de VAS, BAHSS (Bewustzijn, Ademfrequentie, Hartfrequentie, Systolische bloeddruk, Saturatie) , hebt u ook ontlasting gehad? Alles noteer ik. Bij de ex-IC-patiënt is de systole 98 en die moet boven de 100 blijven. Bij patiënt zes is de ademfrequentie 26 en de saturatie 91%. Ik bel een arts. Ik onderneem actie. De vitale functies stabiliseren.
Weer antibiotica. De verkeerde. De dokter wil ceftriaxon. De apotheek levert ceftazidim. Gelukkig weet ik dat het niet hetzelfde is. Of helaas, want nu moet ik bellen en naar de apotheek lopen. Gelukkig kan ik onderweg even zuchten en mopperen.

Opgelucht kom ik met het juiste middel bij de juiste patiënt. Die is angstig. Ik spuit haar maagsonde door, terwijl ik haar gerust stel, werk de vochtbalans bij en help haar uit bed. En dan natuurlijk er weer in.

Kamer drie belt. Een meneer aldaar stapt steeds bijna uit bed. Met twee infuuslijnen en één zojuist geopereerde arm. Hij vergeet de operatie, de voorzichtigheid. Hij lijkt alles te vergeten. Ik geef haldol, maar daar heb ik voorlopig zelf nog niks aan.

Ik ren, vlieg, denk, peins, zucht en mopper zo nog enkele uren. Patiënten vragen of het nog wel gaat. Ik zie er zo moe uit, zeggen ze. Ik zeg: geeft niks en blijf bellen. Zij doen braaf wat ik zeg.

Vijf minuten voor mijn dienst om is, schrijf ik nog vijf rapportages. In eigen tijd draag ik over aan de nachtdienst. O ja, een DOS-score, die vul ik nog in. Dan is het klaar. Nou ja... tot morgenmiddag twaalf uur. Dan word ik hier weer verwacht.

Ik ben moe. Maar het is gelukt. Iedereen leeft. Alle antibiotica kwamen op de juiste plek op ongeveer het juiste moment. Geen fouten gemaakt. Alle angsten bestreden. Harten bleven kloppen. Ik vind mijzelf behoorlijk een kanjer.

De volgende dag wacht mijn leidinggevende mij op. Terecht wijst zij mij er op dat ik bij drie patiënten – de zelfstandige, niet bellende mannen op kamer drie – geen vitale functies heb gemeten. Dat moet. Natuurlijk moet dat.

Wil je reageren? Registreren kan heel eenvoudig én gratis.

Gerelateerde tags

8 reacties

  • E. Ottervanger-Boers

    Misschien moet je leidinggevende even je blog lezen!!!...pfffff, wat een avondje zeg. Er zou inderdaad meer waardering geuit moeten worden. Teren we beter op dan wat er niet gedaan is...gemiste kansen!

  • I Klumperink

    Fijn he.. Die leidinggevende

  • L Visser

    Ik sluit aan bij de rest, zoooo herkenbaar!!! Ik werk in Assen, waar op de afdeling cardiologie er een brandbrief is geschreven over de toename van de administratieve berg. Maarre, Sandra, even tussen neus en lippen, Goed gewerkt meid!!!

  • L.J. van Soest

    Had daar niet eerst een compliment kunnen zijn? Ik neem aan dat de leidinggevende ook wel had kunnen inschatten - nadat zij het rapport van de vorige avond heeft gelezen - hoe druk Sandra het heeft gehad-?

  • Nicole Gardenier

    Herkenbaar! Toen ik werkte op Chirurgie/orthopedie maakt ik zeker aardig wat van dit soort avonden mee. Succes!

  • Annet M K

    Heel herkenbaar! Erg eigenlijk!!
    Ik werk op een spoedeisende hulp en daar is het al niet anders.

    Het gaat allang niet meer over goede patiëntenzorg. Maar scoren: en alle (!!) lijstjes moeten ingevuld en bijgehouden worden.

    Uiteraard vitale parameters, maar ook pijnscore, EMV, mrsa screening, sputovamo bij kinderen tot 18 jaar, lijstje kwetsbare oudere.
    En dan nog de verrichtingen die gedaan zijn zoals infuus, lab, sediment, kweken, ecg, X-foto's, CTscan, antibiotica, medicijnen, CAD en urineproductie, gips, verbanden, opname of ontslag etc etc etc etc etc.

    En dan nog graag een (liefst niet te summier) verslag.

    Ik ben aardig handig met computers en het snel intikken (lang leve 10 vingersysteem blind) maar dat maakt niet dat ik meer tijd heb voor de patiënt en zijn familie.....

    En ik MOET alles invullen. Ook als je eigenlijk nog heel veel moet uitleggen aan patiënt of als de mensen verdrietig zijn, als je wil troosten en gewoon er 'wil zijn'.

    We zeggen hier de laatste tijd dat we beginnen met F van formulieren ipv ABCD

  • s bout

    inderdaad heel herkenbaar en goed op papier gezet. Dagelijkse praktijken. Je werkt je uit de naad en waar vallen ze over, de indicatoren niet ingevuld.... Maar wel de metingen gedaan dus was terug te vinden. Misschien moet we eens zelf indicatoren gaan maken, waar we zelf over brainstormen. Welke metingen willen we doen om wat te meten en wat te weten zodat we goede zorg leveren. Er is op mijn werkplek nog zoveel dubbel en papier en digitaal. Dan vergeet je nog wel eens een meting te noteren op papier, maar wel in computer gedaan. Worden er dan ook metingen gedaan waar je je tijd mee meet waardoor je kan aantonen wat je allemaal wel niet tegelijk moet doen om goede zorg te leveren. Het pakket is uitdagend maar ook groot.
    Een prachtig vak maar moet wel haalbaar blijven. Meer zorg in mindere tijd... net wat je zegt dan maar even niet eten, plassen, drinken en overdragen doen we wel in eigen tijd. De patiënt staat boven de registratie. Maar de registratie is in het belang van de patient, wel lastig om af en toe die vertaal slag te maken. En daardoor meer tijd in een gesprek te kunnen stoppen.

  • Eveline Hendriks

    Haha leuk geschreven. Ik kan alleen maar zeggen: herkenbaar. Heb zo een aantal nachtdiensten achter de rug........

Of registreer je om te kunnen reageren.

Nursing is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden