Gratis nieuwsbrief Meld je aan voor de gratis e-mail nieuwsbrief van Nursing, TvV en TvZ. Klik hier

Blog Sandra: 'Dodemansrit na nachtdienst'

Moe en met een hoofd vol watten rijdt Sandra naar huis na haar nachtdienst. Ze is niet de enige, bleek onlangs uit een poll op Nursing.nl: negen op de tien verpleegkundigen heeft wel eens moeite om wakker te blijven tijdens de rit naar huis.
Crash test dummy
Foto: Wikipedia

Zo, de nachtdiensten weer even een maandje overleefd. Nachtdiensten. Ik schreef er wel eens vaker over. Ik ben er geen ster in. Het enige dat echt mooi is in de nachtdiensten… dat is de weg het ziekenhuis uit. Iedereen stroomt binnen, terwijl ik het ziekenhuis uit mag. Ik mag zelfs naar bed, gewoon, overdag.

Die weg naar buiten voelt als een rondje door een stadion, nadat je de kampioensbeker hebt gewonnen. Tenminste, zo stel ik mij dat voor. Als uit een vliegtuig stappen in een mooi, warm oord. Hè hè, het is voorbij.

Ik denk altijd gelukzalig: ik heb het weer overleefd. Maar is dat ook zo?

Want dan komt nog de uitdaging om met een kop vol watten (ik kan niet eens meer mijn naam spellen) naar huis te rijden.

Ooit woonde ik in Drachten, zo’n twintig kilometer van mijn werk. Ik kwam weliswaar thuis, maar kon me op de parkeerplaats bij mijn huis niets herinneren van een reis daar naartoe. Levensgevaarlijk. Want was ik gestopt voor verkeer van rechts of overstekende wat-dan-ook? Ik denk het niet.

Tegenwoordig woon ik in de stad waar ik werk. Ik hoef alleen maar een paar keer af te slaan en gas te geven en dan ben ik in mijn bed. En als ik nachtdienst heb, vind ik mezelf zo zielig, dat ik de fiets in het hok laat. Dus ga ik met de auto. Dat is comfortabeler. Maar ook levensgevaarlijk, merk ik, vooral op de terugweg, maar zelfs al er naartoe. Mijn handen schakelen, mijn voeten koppelen, maar mijn hoofd…

Twintig procent van de verpleegkundigen is wel eens in slaap gevallen achter het stuur na een nachtdienst. Het enige dat helpt is een dutje, weet verkeerspsycholoog Dick de Waard. Lees meer >>

 

Een poos terug reed er iemand naar huis vanuit het ziekenhuis. Zij raakte van de weg op een lang recht stuk. Geen bocht, geen weg van rechts, maar misschien was dat het juist wel. Niets om haar wakker te houden. Het liep niet goed af.

We redden levens op de werkvloer en als we daarna in bed liggen, hebben we kennelijk ook ons eigen vege lijf weer gered. Maar dat is dus niet altijd het geval. Zat van mijn collega’s raken wel eens over de witte strepen. Ze slaan zichzelf in het gezicht, eten een appel, praten hardop tegen zichzelf, zingen hard mee, houden het raam open… het is een grootse uitdaging.

Maar ja, hoort dat niet bij verplegen? Dingen doen tegen je natuur. Wegfietsen van je huis rond bedtijd, wakker blijven in de nacht, in het donker kijken achter gesloten gordijnen, een kamer binnen stappen waar delier en agressie dreigt, rennen náár gevaar toe… en daarna met je ogen dicht naar huis sturen met je laatste eigen beetje leven.

Gelukkig is er de automatische piloot. Gelukkig zijn er reflexen. Gelukkig remmen de mensen die mij van rechts benaderen. Gelukkig steekt er niet net iemand over. Zou ik het nog voelen als ik iets zou raken, mijn auto uit geslingerd zou worden? Ach, gelukkig lig ik weer in mijn bed. Of droom ik dat? 

Gerelateerde tags

Of registreer je om te kunnen reageren.

Nursing is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden