Gratis nieuwsbrief Meld je aan voor de gratis e-mail nieuwsbrief van Nursing, TvV en TvZ. Klik hier

'Doucheschort met baby kalmeerde dementerende'

De voorlopige resultaten van een pilot waarbij psychofarmaca bij probleemgedrag wordt afgebouwd, zijn veelbelovend. Het project; 'Het kan beter met minder!' Met de slogan; 'Denk na of het mag: een pil voor gedrag!' van Vilans lijkt hiermee een groot succes te zijn. Anne-Mieke den Ouden van Vilans legt uit.
'Doucheschort met baby kalmeerde dementerende'

Dus al die psychofarmaca wordt voor niets gegeven?

'Dat is niet helemaal waar. Wij zijn zeker geen tegenstander psychofarmaca, maar wél van het  voorschrijven om oneigenlijke redenen,  zonder dat er naar een alternatief gezocht wordt.'

Wat is oneigenlijk  inzetten?

'We snappen heel goed dat psychofarmaca voor sommige cliënten een uitkomst kan zijn, maar het streven zou moeten zijn om dit middel binnen korte tijd weer af te bouwen en actief aan de slag te gaan met alternatieven. Daarnaast  is de werking van het middel per persoon niet altijd even duidelijk. De cliënt kan ondertussen nadelen ondervinden van de psychofarmaca.'

Wat voor nadelen?

'Je wordt stijver, en kunt duizelig worden, waardoor de cliënt minder beweegt, met alle gevolgen van dien. De cliënt wordt strammer en het valrisico neemt toe. Verder is er kans op een verhoogde bloeddruk, en is er meer kans op een beroerte of longontsteking. Veel verzorgenden hebben geen weet van deze negatieve gevolgen, en denken dat de cliënt zich juist prettiger voelt als de cliënt onrustmedicatie krijgt. Daarom  is dit ook een belangrijk onderdeel van onze pilot: verzorgenden voorlichten over wat psychofarmaca met je cliënt doet.'

De bijwerkingen van Haldol kan zelfs een dodelijke afloop hebben. Lees meer >>

Was dat een eyeopener voor verzorgenden?

'Zeker. En het stimuleerde hen meteen om meer te zoeken naar alternatieven. Het is namelijk heel belangrijk dat je ontdekt wáár het probleemgedrag door veroorzaakt wordt. En voor wie is het eigenlijk probleemgedrag? Voor jou of voor de cliënt? Heeft de cliënt misschien pijn? Of is het verveling? Te veel of te weinig prikkels? Het is hierbij ook de kunst om goed te weten waar de cliënt van houdt. Een voorbeeld: bij een cliënt was het probleem dat verzorgenden  hem met geen mogelijkheid onder de douche kregen. Totdat ze zagen dat hij heel blij werd van een poster waar een baby op stond afgebeeld. Nu hebben de verzorgenden een doucheschort aangeschaft, met de afbeelding van een baby erop. Met succes: het douchen van meneer verloopt nu probleemloos.'

Er zijn veel alternatieven te bedenken voor je psychofarmaca inzet. Klik hier voor 6 inspirerende alternatieven >>

Hoe komt het eigenlijk dat er zoveel psychofarmaca gebruikt worden?

'Daar zijn meerdere redenen voor: de werkdruk van verzorgenden kan ervoor zorgen dat ze eerder bij de arts vragen om een pilletje. Ik kan me dit wel voorstellen: als je een cliënt hebt die constant aan het roepen is, en je hebt al een aantal dingen geprobeerd die niet werken, dan is er vaak geen tijd meer om uit te zoeken wat de oorzaak van de onrust is. Het is dan een prettig idee om dan een pil achter de hand te hebben, vooral als ook andere bewoners onrustig worden van het roepgedrag. Daarnaast heerst er een soort cultuur waarin het gebruik van onrustmedicatie "normaal" gevonden wordt. Vaak weten verzorgenden niet eens meer waarom een cliënt psychofarmaca krijgt, of hoe lang. En de nadelen van deze pillen zijn niet bij alle verzorgenden bekend.'

Je hebt het over zoeken naar de oorzaak van het gedrag...

'Ja, want iemand kan ook bijvoorbeeld roepen omdat hij of zij pijn heeft, door drukplekken vanwege het lange zitten. In de pilot bleken veel cliënten al baat te hebben bij een wandeling buiten, of meer bewegingsvrijheid in de zorginstelling, waarbij deuren niet op slot zijn. Je moet weten dat een pil eigenlijk een vrijheidsbeperkende maatregel is –het wordt ook wel chemische fixatie genoemd- die alleen in het uiterste noodgeval ingezet moet worden. En als je 'm inzet, dan moet je dit  goed kunnen onderbouwen aan de arts. Er zijn ook verpleeghuisartsen die geen  psychofarmaca voorschrijven als de verzorgende dit niet goed kan beargumenteren. Een goede zaak, want als je goede argumenten hebt, kun je  ook aan de slag met het zoeken naar alternatieven.'

Fixeren wordt steeds meer teruggedrongen in de verpleeg- en verzorgingshuizen. Toch laten verzorgenden hierbij wel eens steken vallen. 7 veelgemaakte fouten op een rij >>

Daar moet je als verzorgende wel de tijd voor krijgen...

'Tijd die veel verzorgenden inderdaad niet hebben. Onderdeel van de pilot is ook dat de deelnemende zorginstellingen hun verzorgenden genoeg tijd en ruimte geven om alternatieven voor de psychofarmaca te vinden. Dit kan ook best georganiseerd worden door meer mantelzorg en vrijwilligers te betrekken bij de zorg, maar ook door je te realiseren dat het een 24-uurs organisatie is. Alle taken die blijven liggen kunnen aan de volgende dienst worden overgedragen. In een verpleeghuis werkt de medewerker voor de activiteiten begeleiding tot 21 uur. Dit helpt enorm omdat er dan ook in de avond activiteiten met cliënten plaatsvinden.'

De voorlopige resultaten van de pilot zijn veelbelovend?

'Zeker! Het afbouwen van gedragsmedicatie leidt tot minder problemen dan vooraf gedacht. Het vereist ook een andere denkwijze van verzorgenden: velen vrezen dat wanneer er gestopt wordt met de medicatie, er problemen zullen ontstaan. En dat is vaak niet het geval. Het is dan ook een eyeopener voor verzorgenden dat àls ze eenmaal erachter zijn welke interventie bij de cliënt past, het probleemgedrag dan verdwijnt. Zónder hiervoor een pil in te zetten.'

Rhijja Jansen

Of registreer je om te kunnen reageren.

Nursing is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden