Antwoord v/d Week: artrose

Welk woord hoort op de puntjes?

A subchondrale sclerose
B osteoblast
C osteofyt
D kraakbeen

Het juiste antwoord is C: osteofyt.

Je ziet hierboven een schematische weergave van artrose.

– Wanneer het kraakbeen door artrose niet meer genoeg steun kan bieden, reageert het gewricht met botwoekeringen: osteofyten, die zorgen voor een verbreding van het gewricht. Osteofyten kunnen zichtbaar en voelbaar zijn als harde knobbels (noduli), bijvoorbeeld in de vingers.

– Artrose is niet puur een kraakbeenaandoening zoals lange tijd werd gedacht. Waarschijnlijk begint artrose met een afwijking van de cellen die kraakbeen aanmaken. Normaal is kraakbeen glad, maar nu wordt het langzaam rafelig, zachter en dunner. Uiteindelijk kan het zelfs helemaal verdwijnen.

– Ook kunnen ontstekingsreacties optreden. Als gevolg van al deze processen ontstaat een onregelmatig gewrichtsoppervlak, gewrichtsverbreding, mogelijke verdikking van het gewrichtskapsel en soms vochtophoping (hydrops). Uiteindelijk verandert de stand en vorm van het gewricht (arthrosis deformans).

Verpleegkundige interventies bij artrose

Wat er precies gebeurt bij artrose en wat de verpleegkundige aandachtspunten zijn, lees je in de Nursing Challenge over artrose. De bijbehorende toets is goed voor 2 accreditatiepunten.

 

Test je kennis

Meer quizvragen vind je hier, bijvoorbeeld over huidaandoeningen, maagsonde en het norovirus