Antwoord v/d Week: stoma

Bij dit stoma is sprake van

A dehiscentie
B stripeffect
C pancaking
D drukulcera

Het juiste antwoord is D: je ziet hier een stoma met drukulcera.

    • Meestal ontstaat een drukulcus bij een stoma door convex materiaal, dat meer op de huid drukt. Vaak heeft de stomadrager een forse buik, waardoor het stoma op huidniveau ligt en convex materiaal noodzakelijk is.
    • Haal de druk eraf, met ander (soepeler) convex materiaal. Tegenwoordig is er ook omgekeerd stomamateriaal met een convex, speciaal voor de wat bollere buik of voor een parastomale hernia. Daarvoor moet het stoma wel iets boven huidniveau liggen.
    • Wat verder kan helpen: Orahesive-poeder in het wondje doen, een klein stukje schuimverband of stukje pastaring aanbrengen onder het stomamateriaal op het ulcus, of een stukje hydrofiber met zilver. Vraag altijd advies van een stomaverpleegkundige.
    • Bij dehiscentie laat het stomaweefsel los van de omliggende huid.
    • Een stripeffect ontstaat door het onvoorzichtig verwijderen van de huidplaat.
    • Bij pancaking zakt de ontlasting niet in het stomazakje, maar blijft rond het stoma hangen en drukt de huidplaat van de huid.

Meer vragen
Meer quizvragen vind je hier, bijvoorbeeld over huidaandoeningen, maagsonde en het norovirus