Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties2

Blog Hugo: ‘Wij zijn ordehandhavers. En dat helpt ons niet’

Hugo van der Wedden
Hugo is interim-verpleegkundige en online medewerker van Luscii, een e-health toepassing voor thuismeten. Hij blogt over zijn werk aan het bed en ontwikkelingen in de zorg.
Hoe worden wij een rebelse beroepsgroep? Niets doen is geen optie, aldus Hugo. 'Als we braaf doen wat we altijd doen, verandert er niks. Sterker nog, dan wordt alles waar we ons druk over maken alleen maar erger.'
Verpleegkundigen in de gang
Foto: ANP

Volgens CNO Bianca Buurman verkeren we in een vicieuze cirkel. We hebben het zo druk dat we niet toekomen aan onze eigen ontwikkeling. Met een volle afdeling en een krappe bezetting is er helemaal geen tijd voor scholing en reflectie, laat staan voor het meebesturen van het ziekenhuis. Met als gevolg dat ons gevoel van onmacht groeit. We doen zo hard ons best om de boel draaiende te houden en wat krijgen we ervoor terug?

Chief Nursing Officer Bianca Buurman adviseert minister: ‘Niets over ons zonder ons’. Lees het volledige artikel.

Daar houdt het slechte nieuws niet op: door vergrijzing stijgt het aantal patiënten de komende jaren explosief. Het is de bedoeling dat we al deze mensen helpen met steeds minder collega’s. Dat gaat natuurlijk niet lukken. Althans, niet op een comfortabele manier voor patiënten en verpleegkundigen. Meer werkdruk, slechtere zorg, dat lijkt de toekomst.

Het is dus tijd om in opstand te komen. De normale, vanzelfsprekende gang van zaken moeten we doorbreken. Maar wie is de vijand? De bestuurder? De arts? De zorgverzekeraar? Nee. De grootste vijand van de verpleegkundige beroepsgroep zijn wij zelf.

We zorgen graag voor zieke mensen, maar diep van binnen zijn we eigenlijk handhavers van de orde. Wij bewaken de structuren van het ziekenhuis en dragen er zorg voor dat alles bij het oude blijft. Hoe meer structuur, hoe beter. We zeggen dat dit goed is voor de patiënt, maar stiekem worden we daar vooral zelf heel gelukkig van.

Onze grootste angst is immers dat de boel uit hand loopt. Mevrouw Jansen wil uitslapen. Maar straks wil iedereen uitslapen en dan loopt de organisatie spaak. Alles wat de normale gang van zaken in de weg staat, hoe klein ook, daar zijn we allergisch voor.

Weet je wat we ook heel erg vinden? Conflict. Daarom komen artsen vrijwel overal mee weg. Ze mogen ons in gebiedende wijs toespreken, beleid afspreken waar we niet achter staan of ons zelfs uitschelden. We laten het rustig over ons heen komen. Want conflict is nog veel erger. Dat raakt aan de orde. Wij kennen onze plek en zullen verpleegkundigen die hun plek niet kennen vriendelijk terugfluiten. Rust en regelmaat boven alles.

Zijn we zo braaf geboren? Sommigen misschien. Maar we hebben ons deze waarden vooral eigen gemaakt tijdens scholing, stages en eerste banen. De rebellen stopten met de opleiding of leerden langzaam maar zeker af rebels te zijn. Een onvoldoende tussenwaardering hier en een feedbackgesprekje daar doen wonderen in het temmen van de geest.

En nu zitten we met de gebakken peren. Want als de verpleegkundige beroepsgroep iets kan gebruiken is dat een rebelse houding. Dus ga eens bij jezelf te rade. Wie was je voordat je verpleegkundige werd? Is het nog mogelijk de rebel in jezelf tot leven te wekken?

2 REACTIES

  1. Bijna 25 jaar geleden ben ik gestart als leerling verpleegkundige in De Weezenlanden. Ik kwam toen uit Dordrecht waar ik gestart was met de inservice-opleiding in het Merwede ziekenhuis.
    De inservice-opgeleide verpleegkundige… waar nog steeds geen concreet antwoord op is waar deze degelijk en kwalitatief hoogwaardig opgeleide en ervaren verpleegkundige ingedeeld moet worden. MBO of gewoon HBO.
    Ik ben met veel plezier en passie als verpleegkundige werkzaam geweest op verschillende afdelingen, verschillende locaties en in verschillende functies. Daarom ook veel meegemaakt en zien veranderen. Veel goede veranderingen, veel onzinnige veranderingen en ook veel slechte veranderingen. Op bestuurlijk gebied vielen mij altijd de meeste veranderingen op. Van logische ‘lagen’ naar hoog opgestapelde ‘lagen’ naar weer wat ‘lagen’ minder, naar meer ‘lagen’, maar dan weer in de breedte i.p.v. de hoogte. Van logische, ‘down-to-earth’ bestuurlijke beslissingen naar onlogische koersen die op soms vage theorieën of ‘in de mode zijnde’ managementboeken gebaseerd waren. Van nonnen, hoofdzusters, afdelingshoofden en teamleiders naar leidinggevenden, naar operationeel leidinggevenden, regieverpleegkundigen. Naar managers uit de zorg voortgekomen, naar managers uit het bedrijfsleven, hogere en lagere, projectleiders, auditoren, RVE-managers, bestuurders en directeuren. Van personeelszaken naar ‘HR’, van salarisadministratie naar ‘Treasury’, van ziekmelding naar verzuimen, van logisch zaken opbergen en plannen naar Lean, van planbord naar digitaal roosteren, van zaken bespreken en uitvoeren naar ‘brownpaperen’ en Kaizennen… Maar, al met al, bleef het verplegen in essentie lang hetzelfde. Empathie, compassie, geduld, logische kennis van zaken, talent en toch ook wel een soort van roeping. Lange dagen, drukke avonden, vermoeiende nachten. Alle nieuwe technische-, digitale, e-tech ontwikkelingen ten spijt gingen jammer genoeg de zorg niet makkelijker maken maar lieten ons meer van ‘het bed’ afstand nemen en gaven ons meer administratieve rompslomp en uren achter beeldschermen. En daar ging het de laatste tijd bij mij toch meer en meer wringen. Ik weet ook dat ik vaak ronduit ouderwets ben. Ik weet ook dat ik op bestuurlijk- en management gebied niets kan veranderen. Ik heb altijd wel van mij laten horen, gepast en ook ongepast. Vaak kritisch, soms goed onderbouwd, soms ongenuanceerd, ronduit lomp. Ik heb me altijd hard gemaakt voor een van de mooiste beroepen op de wereld. Ik heb het mezelf vaak erg moeilijk gemaakt met daarbij ook de nodige consequenties en ‘bestraffingen’. Maar ik kon ook altijd toegeven dat ik het mis had, of te ver was gegaan. Mijn wat ‘explosieve’ karakter is in de loop der jaren niet milder geworden. Dat is dan weer wat onlogisch… men verwacht ‘wijzer’ en milder te worden. Daarentegen bemerkte ik dat ik meer en meer begon te mopperen, somberder werd, sarcastischer en cynischer. Dat waren dus redenen om een beslissing te gaan nemen.
    Mijn gemopper, mijn afkeer van de weg die ons huidige bestuur is ingeslagen, het meer bezig zijn te werken voor wat management en bestuur willen dan met echte patiëntenzorg, de richting waar de zorg in de breedste zin heen gaat in Nederland, de vaak niet echt professionele, labiele, futloze houding van veel collega verpleegkundigen, met als recent ‘hoogtepunt’ voor mij de houding van de verpleegkundigen binnen de Isala m.b.t. ‘onze’ strijd voor een deugdelijk CAO, hebben mij doen besluiten te vertrekken. Ik ga zeker wat ‘down-sizen’, wellicht qua uitdagingen in werkzaamheden, in uren en ook salaris. Maar ik ga wel weer direct met patiënten (bewoners) werken en dat zal mij ook meer voldoening, rust, tijd en ruimte geven en me ook weer kunnen richten op thuis, mijn dochter, mij ex, wellicht mezelf én nog een van de mooiste beroepen op de wereld, naast verpleegkundige… de kunstenaar uithangen.
    Nu, na een jaar binnen de ouderenzorg gewerkt te hebben, ben ik er achter gekomen dat ouderenzorg daadwerkelijk een ondergeschoven ‘kindje’ is! Ik ben deze afgelopen maanden geschrokken hoe men de zorg voor iemand die al 70, 80 of 90 jaar leven achter de rug heeft niet erg serieus neemt. Praktijkvoorbeelden te over! Het heeft mij somber en treurig gemaakt. Een land als Nederland die pretendeert vooruitstrevend, sociaal en empathisch te zijn… nee… in de praktijk totaal niet.
    In de Nederlandse zorg is er nog héél veel te verbeteren. Ik wil, zoals het nu is, niet oud worden in Nederland…
    Laten we als zorg personeel ons hard maken. Voor hen die nu zorg nodig hebben, voor onszelf én voor onze kinderen.

    • @Sake, wat een fantastische reactie van u.
      Ik ben zelf ook Verpleegkundige A met inservice opleiding en CCU. Ik ben vertrokken uit Nederland en mijn opleiding werd geaccepteerd in Zimbabwe/Rhodesie en later in Portugal. Maar ik ben mijn BIG in Nederland kwijt. Mijn man werd in Nederland plotseling opgenomen en daar ontdekte ik dat er geen Hoofdzusters meer zijn. Ook ontdekt dat ik te maken had met een HBO verpleegkundige die bijna onzichtbaar was en echte verpleegkundige fouten heeft gemaakt. Ik heb 2x mijn eigen man gewassen met een geïmpregneerde washand en niet met water en zeep en een handdoek!
      Ook in Portugal in een Brits Nursing Home gewerkt en daar waren 2 Nederlandse HBO-ers aangenomen. Die zijn beiden na 3 maanden ontslagen want ze konden niet logisch nadenken noch hun handen uit hun mouwen steken en geen bloedprikken. In dit verpleegtehuis was alle aandacht voor de inwoners en we hadden gewoon een overdracht geschreven rapport voor de volgende dienst en geen vergaderingen.
      Ik denk ook dat de zorg in België, Portugal en zelfs Suriname beter is dan in Nederland met hun onbegrijpelijke EBP en computer lijsten en al die managers. Vroeger was er een Hoofdzuster, gediplomeerden en de leerlingen die alle diensten meedraaiden en dus geen “handen te kort”.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.