Blog Jantine: ‘Beetje bang voor mijn cliënt’

Jantine loopt haar tweede stage: in de verstandelijk gehandicaptenzorg. De ontwikkelingsleeftijd van de bewoners is maximaal twee tot drie jaar. En dat is even wennen!

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
'Praten tegen volwassenen alsof je het tegen een kind van één hebt vond ik moeilijk.'
'Praten tegen volwassenen alsof je het tegen een kind van één hebt vond ik moeilijk.'

Tijdens een van mijn eerste dagen ontmoet ik Johan, een man in de vijftig met gedragsproblemen. Hij heeft griep. Al snel leer ik dat cliënten met een verstandelijke beperking pijn anders uiten. Johan doet dit bijvoorbeeld dit door zichzelf in zijn gezicht te slaan en op zijn handen te bijten. Ik vond dat zo angstaanjagend, dat ik hem eigenlijk liever vermeed. Ik werd zelfs een beetje bang voor hem, dacht dat hij anderen of mij wat aan zou doen. Mijn eerste gevoel als hij dat weer deed, was dan ook om bij hem weg te lopen. Toch heb ik juist geleerd dat níet te doen. Door bij hem te blijven liet ik zien dat ik er altijd voor hem zou zijn. Zo bied ik hem een onvoorwaardelijke relatie. Alleen door dat te bieden, voelt Johan zich veilig en begrepen.

Ook moest ik in het begin wennen aan de communicatie met mensen met een verstandelijke beperking. Praten tegen volwassenen alsof je het tegen een kind van één hebt vond ik moeilijk. Dat klopt voor je gevoel gewoon niet, maar het is wel de manier die aansluit bij deze mensen. Ook leerde ik om een contactlijntje te houden. Dat wil zeggen: als je bijvoorbeeld iemand helpt bij het wassen en aankleden, stap voor stap zeggen wat je gaat doen en je woorden te ondersteunen met voorwerpen. Zo houd je contact en bied je duidelijkheid voor de bewoner.

Verder moest ik erg leren dat je soms ‘boven’ de bewoner moet gaan staan. Dit was bijvoorbeeld het geval bij Janneke, een 54-jarige vrouw met een ontwikkelingsleeftijd van twee jaar. Na het eten mocht Janneke altijd even met de bal spelen. Hierna moest ze even wachten op de begeleider. Blijkbaar had Janneke hier geen geduld voor, want ze begon te schreeuwen. Daarop sprak de begeleider Janneke duidelijk toe. Naar mijn idee leek dit heel streng, maar het was blijkbaar wat Janneke nodig had op dat moment. Nu ik weet dat Janneke behoefte heeft aan duidelijkheid, probeer ik zo duidelijk mogelijk te zijn richting Janneke door steeds grenzen aan te geven.

Ondanks dat ik de eerste weken van mijn stage moest wennen, heb ik nu mijn draai aardig gevonden. Ik merk dat ik kan genieten van de kleine dingen, zoals het plezier van de bewoners als je contact met hen maakt, of de ondeugendheid van sommige bewoners. Toch zou ik later als verpleegkundige niet willen werken in de verstandelijk gehandicaptensector. Voor mijn stage vind ik het heel leerzaam en uitdagend, maar ik denk dat ik in mijn werk als verpleegkundige meer afwisseling zou willen.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.