Medicatie

Medicatie
Leerling en verpleegkundige aan het bed van een patiënt

Patiënten minder misselijk na operatie onder opioïdvrije anesthesie

Een nieuwe vorm van anesthesie zonder opioïden zorgt ervoor dat patiënten postoperatief minder misselijk zijn en sneller naar huis kunnen. Ook vermindert deze opioïdvrije anesthesie de kans op delier na de operatie.
Medicatie

Pijncasus: ‘Ik wil geen morfinepomp. Mijn moeder had die ook en…

Na een hemicolectomie krijgt mevrouw Blom een PCA-pomp. De volgende dag ligt mevrouw stil in bed en weigert ze alle verzorging. Wat is er aan de hand? De verpleegkundige besluit de pijnconsulent in te schakelen.
Medicatie

Nursing Challenge: Dapagliflozine

Dapagliflozine is een SGLT2-remmer. Het wordt gebruikt bij de behandeling van diabetes mellitus type 1 en type 2 en bij chronisch hartfalen met een verminderde ejectiefractie.
Medicatie
vergrootglas

Wetenschap: Patiënt met reumatoïde artritis kan medicijnen afbouwen

Patiënten hebben door het afbouwen minder bijwerkingen, en het scheelt flink in de kosten van dure biologicals.
Medicatie

Nursing Challenge: Allopurinol

Allopurinol wordt gebruikt om jichtaanvallen te voorkomen. Door allopurinol neemt de hoeveelheid urinezuur in het bloed af. Maak de toets bij dit artikel en haal 1 accreditatiepunt.
Medicatie
Glazen pot met pillen

Deze opbouwschema’s voor pijnmedicatie voorkomen verspilling

Er zijn opbouwschema's gemaakt voor de dosering van specifieke pijnmedicatie, zodat minder medicatie verspild wordt. Verpleegkundigen hebben ook een belangrijke rol.

Nursing Challenge: Laxantia

Veel mensen krijgen op enig moment te maken met obstipatie. Welke laxantia zijn er, hoe werken ze en wat zijn hun bijwerkingen? Verdien 1 accreditatiepunt met de toets. Download ook de poster met het overzicht van laxantia.
Medicatie

Deze 4 soorten medicatie geven de meeste kans op obstipatie

Obstipatie kan uiteenlopende oorzaken hebben, waaronder medicatiegebruik. Dit zijn de middelen die het vaakst obstipatie veroorzaken.
Medicatie
thermometer en pillen

Meer bijwerkingen coronavaccinaties bekend, update over zeldzame trombose

Welke nieuwe mogelijke bijwerkingen zijn gemeld over de coronavaccins? Veelal gaat het om al bekende bijwerkingen, stelt bijwerkingencentrum Lareb.
Verpleegkundige kijkt zorgelijk uit het raam van een patiëntenkamer.

Ervaringen van een verslaafde verpleegkundige: ‘Ik ben blij dat mijn verslaving…

Verpleegkundige en anesthesiemedewerker Tom werd op staande voet ontslagen. Zijn werkgever ontdekte dat hij ampullen fentanyl stal voor zijn verslaving, en meldde het bij de Inspectie. Dit is Toms verhaal.

Over medicatie

Geneesmiddelen

Zorg voor medicatie: uitzetten, klaarzetten, aanreiken of toedienen van medicijnen.

Lees meer

De arts schrijft medicijnen voor, op basis van indicatie, rekening houdende met contra-indicaties en mogelijke interacties. Als de patiënt de medicatie niet zelf kan beheren, is de verpleegkundige verantwoordelijk voor het aanreiken, toedienen, uitzetten, klaarzetten en beheren van medicijnen.

Medicatieveiligheid

Medicatieveiligheid gaat over alle activiteiten die zijn gericht op juiste voorschrijving, aflevering en gebruik van geneesmiddelen. Met als doel dat
– de juiste cliënt
– het juiste medicijn
– op de juiste tijd
– in de juiste hoeveelheid en dosering
– en op de juiste wijze krijgt toegediend

Medicatiefout

Een medicatiefout is elke fout in het proces van voorschrijven, ter hand stellen/afleveren, opslag/beheer, gereedmaken, toedienen/registreren en evalueren, ongeacht of er schade is opgetreden.
Veelvoorkomende oorzaken:
– Geen duidelijke toedienlijst: niet weten wat te moeten geven.
– Zelf maken van een medicijnlijstje: de gegevens zijn niet goed overgenomen.
– Storingen tijdens het werken met medicatie: onvoldoende aandacht bij de voorbereidingen en het toedienen van de medicijnen.
– Geen duidelijke afspraken in het zorgleefplan: voor de toediener is niet duidelijk waar hij/zij verantwoordelijk voor is.
– Geen goede toedienregistratie: er is niet afgetekend, dus is het niet duidelijk of de cliënt medicatie heeft gekregen.
– De instructie is niet duidelijk: toediener weet niet waarop te letten.
– Geen kennisgenomen van de bijsluiter: toediener weet niet wat hij/zij geeft.
– Geen volledig ingevuld uitvoeringsverzoek bij injecties: er zijn onvoldoende gegevens om verantwoord te handelen.

Bijwerkingen en interactie

Omdat de werkzame stoffen van een geneesmiddel door het hele lichaam zitten, kan er ook een ongewenste lichamelijke reactie op een niet beoogde plek optreden. Veel voorkomende bijwerkingen zijn duizeligheid, hoofdpijn en maag- en darmklachten, zoals diarree en buikpijn. Ook kan iemand allergisch of overgevoelig zijn voor geneesmiddelen, wat zich kan uiten in jeuk, huiduitslag of benauwdheid.

Bij gelijktijdig gebruik van meerdere medicijnen kunnen deze elkaars werking positief of negatief beïnvloeden (interactie). Dit kan ook gebeuren tussen recept-medicijnen en zelfzorgmedicijnen en tussen zelfzorgmedicijnen onderling. Ook interactie met voedsel of dranken is mogelijk, zoals alcohol, melk of grapefruitsap. Een probleem – vooral bij ouderen – is polyfarmacie: het gebruik van meerdere medicijnen.

Afhankelijkheid en verslaving

Volgens de DSM-IV TR2 is afhankelijkheid of misbruik van een middel een patroon van onaangepast gebruik van een middel dat significante beperkingen of lijden veroorzaakt. Zoals: het middel wordt langer – of in hogere dosering – gebruikt dan gepland. Soms treden ook  fysiologische verschijnselen op, zoals tolerantie: de patiënt heeft steeds meer nodig om hetzelfde effect te bereiken. Er kan ook sprake zijn van selectieve tolerantie, bijvoorbeeld: na enkele dagen opioïdgebruik blijft het pijnstillend effect en verdwijnt de misselijkheid. Bij gebruik van een middel dat alleen gericht is op vermindering van een gezondheidsprobleem, zoals pijn, is geen sprake van verslaving. Wel kan lichamelijke afhankelijkheid ontstaan. Dit betekent dat bij plotseling staken van het middel lichamelijke ontwenningsverschijnselen zijn te verwachten..

Oplaaddosis, insluipen, uitsluipen

Bij een medicamenteuze behandeling moet de gewenste concentratie van het geneesmiddel zo snel mogelijk de bloedbaan bereiken. Soms is daarvoor een hogere aanvangsdosering (oplaaddosis) nodig (zoals bij digoxine, en anticoagulantia, zoals acenocoumarol, fenprocoumon, warfarine).

Insluipen is het geleidelijk verhogen van de dosis in de loop van dagen of weken. Onder meer om de kans op bijwerkingen te verminderen. Doorgaans is bij het stoppen met medicatie de plasmaspiegel na vijf keer de halfwaardetijd zo laag dat geen effecten meer optreden. Bij sommige geneesmiddelen is uitsluiping (geleidelijk verlagen van de dosis) nodig om onttrekkingsverschijnselen of het reboundfenomeen te voorkomen. Bijvoorbeeld bij anti-epileptica en corticosteroïden. Het reboundeffect houdt in dat na staken van het middel, de symptomen waarvoor het middel werd gebruikt (tijdelijk) terugkeren, soms in heviger mate.

Halfwaardetijd

De halfwaardetijd is de tijd waarna nog maar de helft van het geneesmiddel in het bloed is. Enige tijd na inname wordt een evenwicht bereikt: de ‘steady state’. De opgenomen hoeveelheid geneesmiddel is dan gelijk aan de hoeveelheid die wordt uitgescheiden. Als de steady state hoger wordt – bijvoorbeeld door het verhogen van de dosis-, kan dat ertoe leiden dat je buiten het therapeutisch gebied komt. Hiermee stijgt het risico op toxiciteit, en dus ernstige bijwerkingen.

Uitgelicht congres

Het Jaarcongres Palliatieve Zorg

Ouderenpsychiatrie in de praktijk

Nursing Brein College

Dag van de Wijkverpleging

Nursing Congres Oncologie in de thuiszorg

Werken met Thuiswonende Kwetsbare Ouderen

Dag van de Medicatieveiligheid

Het Maag Darm Lever congres

ReeHorst

Het Pijn congres

ReeHorst

Congres Kleinschalig zorgen

Het Jaarcongres Palliatieve Zorg

Dag van de Verzorgende

Dag van de Revalidatiezorg

Nursing Festival

Nursing Experience

Omgaan met complex gedrag in de ouderenzorg