Gratis nieuwsbrief Meld je aan voor de gratis e-mail nieuwsbrief van Nursing, TvV en TvZ. Klik hier

Familie die aanwezig is bij reanimatie heeft minder kans op PTSS

De meningen onder verpleegkundigen en artsen zijn verdeeld of de aanwezigheid van familie bij een reanimatie zinvol is. Wat zegt de literatuur?
Stockbeeld
Stockbeeld

Casus
In 2014 waren er 18 reanimaties op de intensive care unit (icu) van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) in Amsterdam. Uit onderzoek blijkt dat het mogelijk goed is voor de verwerking als familieleden aanwezig zijn bij de reanimatie van hun naaste.1 Op de icu van het OLVG bieden artsen en verpleegkundigen soms aan om de reanimatie bij te wonen. De familie kan dan zelf beslissen of zij dat wil. De meningen onder verpleegkundigen en artsen zijn verdeeld of de aanwezigheid van familie bij een reanimatie zinvol is.

1 Formuleer je vraag
[P=patiënt, etc. like in previous issues]
P: Familieleden van patiënt
I: Aanwezig bij reanimatie van familielid op icu
C: Niet aanwezig bij reanimatie van familielid op icu
O: Posttraumatische stress na reanimatie

2. Zoekstrategie
Gezocht in PubMed met de zoektermen family AND cardiopulmonary resuscitation (CPR) AND intensive care, family AND Presence AND cpr AND intensive care, family AND witness AND cpr, family AND presence AND cpr AND posttraumatic stress disorder (PTSD), Resuscitat* OR (intervention* AND intensive care) AND family AND presence, resuscitat* OR (intervention* AND intensive care) AND family AND presence AND (ptsd OR stress). Dat leverde twee artikelen op, die beide zijn gebaseerd op een gerandomiseerd onderzoek (RCT) in Frankrijk.2,3 Ze bleken geschikt voor het beantwoorden van de PICO-vraag. De methodologische kwaliteit is beoordeeld met de Cochrane checklist.4 Van beide artikelen was deze goed.

3. Beoordeling resultaten
De reanimaties vonden plaats bij patiënten thuis, op straat of op de spoedeisende hulp. Alle familieleden in de interventiegroep (n=266) kregen structureel de mogelijkheid om aanwezig te zijn bij de reanimatie van hun naaste. Zij werden hierbij op geprotocolleerde wijze begeleid. Familieleden hadden uiteraard ook de keuze om niet aanwezig te zijn. De controlegroep (n=304) kreeg niet structureel de mogelijkheid om erbij te zijn. Afhankelijk van de keuze van de zorgverlener of de instantie kregen familieleden het aanbod om wel of niet aanwezig te zijn en er werd geen geprotocolleerde begeleiding aangeboden (standaard zorg). De uitkomsten van het gerandomiseerde onderzoek waren symptomen van PTSS 90 dagen2 en één jaar3 na reanimatie. Een getrainde psycholoog beoordeelde symptomen van PTSS door telefonisch een gestructureerde vragenlijst af te nemen. Hierin werd de familieleden gevraagd om de vragen uit de Impact of Event Scale (IES) te beantwoorden. De IES is een gevalideerd meetinstrument om PTSS symptomen te meten en is betrouwbaar bij verschillende traumatische gebeurtenissen. De auteurs hebben ervoor gekozen om de resultaten na 90 dagen en één jaar in twee artikelen te beschrijven.
Uit het eerste artikel blijkt dat 342 familieleden uit de interventiegroep en de controlegroep de reanimatie hebben bijgewoond. Bij 289 (85%) aanwezige familieleden en bij 186 (82%) familieleden (afwezig) is het onderzoek afgerond. Van de familieleden die de reanimatie hebben bijgewoond hadden na 90 dagen 78 (27%) mensen symptomen van PTSS versus 76 (41%) familieleden die niet aanwezig waren. Dit verschil was significant. Er is ook gekeken naar de reactie van familieleden tijdens de reanimatie. Er waren zeer weinig agressieve reacties (<1%). van de 186 niet aanwezige familieleden hadden 22 (12%) spijt dat ze de reanimatie niet hadden bijgewoond. van de 289 aanwezige familieleden hadden er 9 (3%) spijt dat ze de reanimatie wel hadden bijgewoond.2>
Voor het tweede artikel is een jaar na reanimatie nog een keer beoordeeld of familieleden PTSS hadden. In totaal hebben 408 mensen het onderzoek afgerond (198 in de interventiegroep en 210 in de controlegroep). In de interventiegroep hadden 39 (20%) familieleden PTSS versus 67 (32%) van de familieleden in de controlegroep. Dit verschil was niet significant.3

Onlangs werd bekend dat reanimatie bij 70-plussers vaker slaagt dan gedacht. Dat lees je hier >>>

4 Conclusie en toepassing
Uit het onderzoek blijkt dat familieleden drie maanden na het bijwonen van de reanimatie van een naaste door ambulancepersoneel thuis, op straat en op de spoedeisende hulp significant minder symptomen hebben van PTSS.
Er is geen onderzoek beschikbaar over het bijwonen van een reanimatie op de icu. Het is daarom niet zeker of de resultaten ook gelden voor familieleden op een Nederlandse of Vlaamse icu.

5 Evaluatie
De aanwezigheid van familieleden bij een reanimatie is een belangrijk punt van discussie en zou op basis van de bestaande literatuur overwogen moeten worden. Daarnaast is het belangrijk dat familieleden tijdens de reanimatie goed begeleid worden door een verpleegkundige of arts. Dit zou kunnen worden opgenomen in het afdelingsprotocol.

Ja, familie die een reanimatie van een naaste thuis, op straat of op de spoedeisende hulp meemaakt, heeft minder kans op PTSS, maar voor de icu is dit niet onderzocht

* Petra Jonk, ic-verpleegkundige icu, Bastiaan Meijer praktijkopleider icu, Saskia Rijkenberg, klinisch epidemioloog icu, allen werkzaam in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis Amsterdam. Contact: s.rijkenberg@olvg.nl.

Noten
1 Doyle CJ, Post H, Burney RE, et al. Family participation during resuscitation; an option. Ann Emerg Med. 1987 Jun;16(6):673-5.
2 Jabre P, Belpomme V, Azoulay E, et al. Family presence during cardiopulmonary resuscitation. N Engl J Med. 2013 Mar 14;368(11):1008-18.
3 Jabre P, Tazarourte K, Azoulay E, et al. Offering the opportunity for family to be present during cardiopulmonary resuscitation: 1-year assessment. Intensive Care Med. 2014 Jul;40(7):981-7.
4 Zoek op google: 'Cochrane Checklist RCT'.

Petra Jonk, Bastiaan Meijer, Saskia Rijkenberg*

Of registreer je om te kunnen reageren.

Nursing is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden