Blog Hugo: ‘Gescheiden werelden’

Hugo is op een symposium in de Hermitage in Amsterdam. Nu een statig museum, vroeger een verpleeghuis. En in dat verpleeghuis, daar werkte hij.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
1pitabroodje.jpg
Een pitabroodje: voor Hugo symbool voor verbinding. - Foto: FreeImages.com

De grote zaal op de tweede etage doet in niets denken aan de matig onderhouden instelling die het vroeger was. Een hoog plafond, strakke witte muren en een glimmende gietvloer hebben die herinnering met overtuiging weggepoetst. Tot ik naar buiten kijk. Het uitzicht op de binnentuin komt me verrassend vertrouwd voor. En dan besef ik het: deze strakke, moderne ruimte was zeventien jaar gelden de huiskamer van mijn afdeling.

Plots raak ik overmand door vervlogen herinneringen. Het gedrang bij de oude lift van bewoners die – al dan niet in rolstoel – stiekem de gesloten afdeling wilden verlaten. Meneer Lohman die bij mevrouw Tichelaar in bed kroop. De chique mevrouw Van Zutphen die dacht dat ze in een hotel verbleef (‘Meneer, weet u misschien hoe laat en waar het ontbijt geserveerd wordt?’). En natuurlijk Mappie, die me tijdens de nachtdienst regelmatig gezelschap hield in de zusterpost.

Mappie. Altijd weer dwaalde ze ’s nachts met haar rollator door de gangen, op zoek naar aanknopingspunten in een wankel bestaan. Sommige collega’s stoorden zich aan dat gedrag en brachten haar snel weer naar bed. Ze zou het werk hinderen. Er moest nog van alles gebeuren. Ik vond dat onzin. Zij was juist het werk. Ik dronk thee met haar. Als ik shoarma bestelde, kreeg zij een pita kaas met tomaat.

Ze viel regelmatig in herhaling, maar tussendoor voerden we mooie gesprekken. Over leven in de oorlog, over haar gezin, over hoe beangstigend het is als je langzaam maar zeker grip verliest over de wereld om je heen. Ze had goede adviezen in de omgang met het vrouwelijke geslacht.

DementieVan angst en dwalen tot grote blijdschap door muziek. Neem een kijkje in de wereld van dementie met deze documentaires en films

Soms moest ik bij het afdelingshoofd komen. Dat geklets met Mappie in de zusterpost viel niet bij iedereen in goede aarde. Het zou niet goed zijn voor haar ritme. Slapen was echt beter. En een pita kaas in de nacht? Moest dat nou echt?

Dat moest echt. Die pita kaas (met tomaat) was niet alleen lekker, het stond ook symbool voor verbinding. Mappie hoorde er wat mij betreft gewoon bij, en dat liet ik zien door samen met haar te eten. Het was een daad van verzet tegen de strikte scheiding tussen het personeel en de bewoners. Verschrikkelijk vond ik het. Er waren kopjes voor de bewoners, en aparte kopjes voor het team. Wij dronken koffie in de zusterpost, de bewoners in de huiskamer. Met eten was het net zo. Die segregatie kwam me de strot uit. Waarom moest dat anders zijn van de bewoners in alles zo benadrukt worden?

We zijn nu zeventien jaar verder. Zou het nog steeds zo gaan in verpleeghuizen? Een gescheiden wereld tussen bewoners en verpleging onder het mom van beroepsmatige afstand? Of is het besef doorgedrongen dat het voor iedereen leuker wordt als je dingen samendoet en een beetje contact maakt met elkaar?

In zijn vorige blog voelt Hugo zich enigszins opgelucht dat hij niet meer aan het bed staat, maar gevoelens van verlies overheersen. 

5 REACTIES

  1. Zoals ik het zie, van een grote afstand, ik geef het maar gelijk toe, zijn de regels niet verandert. Hoe zou dat ook kunnen? De Wij en Zij cultuur in de zorg is een muur waar niemand overheen kan kijken.
    Het zijn mensen, net als wij, die af en toe nog wel eens zin hebben in een borreltje, of een avondje naar de kroeg willen. Maar als je met een collega een dagje naar de Euromast wilt, en de avond wilt afsluiten met een biertje in je eigen stamkroeg, let wel, met drie patiënten in rolstoelen, moet je dat waarschijnlijk nog steeds stiekem doen. Het dagje hebben we toen gewoon uit eigen zak betaald. En het was een werelddag voor vijf, plus alle stamkroeg genoten. Maar we werden wel naar het kantoor van de directrice geroepen. Sterke drank voor patiënten, dat mocht alleen op zondag, een borreltje!
    Verdomme, die mensen hebben ons pensioen verdiend, onze vakantietoeslag geregeld, wij leven dankzij die mensen. Mogen zij opeens niet meer leven omdat ze in een verpleegtehuis zitten? Is het een gevangenis?

  2. Lees alle reacties
  3. Ik werkte er met hart en ziel voor de clienten…maar net zoals ik soms even tijd om op te laden thuis zoek als ik er voor mijn eigen kinderen ben..zo was het ook echt belangrijk om even eem half uurtje alleen te eten zonder tegelijk toezicht te houden.
    Op een groep zitten niet alleen dames gezellig te kletsen maar er is ook ander gedrag.
    (En dat half uurtje werd meestal 20 min en helaas vaak alsnog op de groep door omstandigheden)
    Het gaat niet om wij/zij maar om werk en prive gescheiden houden. Ook in de thuiszorg nu zouden de meeste clienten een vriend of vriendin kunnen zijn maar dat zorgt er juist voor dat zorgmensen het heel moeilijk vinden om werk en prive te scheiden en daarbij weleens 'grenzen' overschrijden
    Dat doet me weer erg denken aan het artikel dat vele mensen overwerken in hun eigen tijd. Volgens mij in de zorg gebeurt dat heel erg veel. 'Grote' pauzes zijn immers onbetaald maar regelmatig worden ze overgeslagen en ik ga zelden weg als mijn dienst afloopt.

  4. ''Sommige collega’s stoorden zich aan dat gedrag en brachten haar snel weer naar bed. Ze zou het werk hinderen. Er moest nog van alles gebeuren. Ik vond dat onzin. Zij was juist het werk. Ik dronk thee met haar.''
    Client centraal ofwel gewoon mensen onder mekaar:)

  5. Had Susan Sontag het niet al over deze scheiding in haar boek 'Illness as methaphor'? Ze beschreef een scheiding tussen het 'kingdom of the well' en het 'kingdom of the sick'.
    Als verpleegkundige aan het bed, kan ik alleen maar bevestigen dat deze scheiding van koninkrijken nog zeker aanwezig is.
    Zo kwam ik er bijvoorbeeld achter dat het op de afdeling waar ik nu een paar maanden werkzaam ben, een absolute no go is, om de patienten te laten drinken uit de grote drinkglazen. Die zijn voor het personeel. Voor de patient zijn er de kleine drinkglazen. Ik ontdekte dit toen een collega vermoedde dat een patient een groot drinkglas had gebruikt: "Oh gatsie, is dat glas bij een patient geweest? Dat is niet de bedoeling hoor, die grote glazen zijn voor ons."

  6. Goede reacties van jullie. In een privé nursing home in Portugal mochten de bewoners whiskey drinken en hun huisdieren meenemen. We hadden een kat en 2 honden die we zelf uitlieten. Als de cliënt overleed bleven de dieren achter en de familie betaalden voor hun verzorging. Absoluut geweldig als er dieren in een verpleeg tehuis wonen. Demente mensen reageren meestal op een hond of kat.
    Met de Olympische spelen mochten ze opblijven en ik ontdekte dat een vrouw vroeger zelf paard gereden had en daarom naar de show jumping wilde kijken. Ook al kon ze meestal niet goed uit haar woorden komen.
    Ik heb een keer met nachtdienst egeltjes meegenomen in een kattenmandje. Ze moesten de fles hebben want ze waren moederloos. 's Morgens haalden we de cliënten uit bed om 6 uur voor het ontbijt. Ik heb toen bij de vrouw die zelf een kat had, een egeltje op haar schoot gelegd. Haar reactie was goud waard. Haar hele gezicht straalde van plezier.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.