Dyspneu in de palliatieve fase

Dyspneu wordt soms als meer belastend ervaren dan pijn. Wat weet je over benauwdheid in de palliatieve fase? Verpleegkundig specialist longgeneeskunde Elly Jordens bespreekt een aantal stellingen, aan de hand van de richtlijn die onlangs werd herzien.
Foto: Zorg in Beeld
Dit artikel is verschenen in Nursing magazine februari 2016

Dyspneu komt alleen voor bij patiënten met longkanker in de palliatieve fase

☐ WAAR

☑ NIET WAAR

Dyspneu komt voor bij 35 procent van de kankerpatiënten in de palliatieve fase, afhankelijk van het soort kanker. Daarnaast zien we het bij patiënten met een gevorderd stadium van COPD (94 procent), of een gevorderd stadium van hartfalen (72 procent).3 De gereviseerde richtlijn Dyspneu in de palliatieve fase die in januari bij het IKNL verscheen (zie kader), is van toepassing op alle volwassen patiënten (> 18 jaar) met dys- pneu in de palliatieve

0
123

Wil je dit premium artikel verder lezen?

Sluit eenvoudig een gratis proefmaand af of neem een abonnement om dit artikel en alle andere premium berichten onbeperkt te lezen. Wil je dit?

Ben je al abonnee? Log dan in en lees verder