‘Prenatale diagnostiek moet op politieke agenda’

AMSTERDAM - Op korte termijn komen nieuwe testen beschikbaar voor prenataal onderzoek. Dat maakt gerichtere diagnostiek mogelijk en kan het aantal onverwachte uitslagen van chromosoomonderzoek sterk terugdringen en moet een politiek agendapunt worden.

Dat zegt promovenda Myra van Zwieten van het AMC. ‘Zowel medici als
beleidsmakers zullen belangrijke keuzes moeten maken over het doel van prenatale
diagnostiek’, zegt de cultuurpsycholoog, die komende week promoveert
op het onderwerp prenatale screening.
 
Targeted testing
Van Zwieten, werkzaam bij de afdeling Huisartsgeneeskunde in het AMC, doet
in haar proefschrift verslag van een onderzoek naar de beste manier om
onverwachte bevindingen in de prenatale diagnostiek te hanteren. Nieuwe testen
maken het mogelijk veel gerichter te onderzoeken of een kind Downsyndroom heeft,
of een andere ernstige afwijking, zoals trisomie 13 of 18. Invoering van deze
zogeheten targeted testing voorkomt dat ouders voor een lastig dilemma komen te
staan.
 
Richtlijnen 
Zwangere vrouwen boven de 36 jaar kunnen in Nederland prenataal onderzoek
laten uitvoeren vanwege hun verhoogde kans op een kind met Downsyndroom
(trisomie 21). De huidige technieken, vlokkentest of vruchtwaterpunctie, brengen
echter ook andere chromosoomdefecten aan het licht, waarvan niet altijd
duidelijk is wat de consequenties zijn voor het kind. Deze situatie plaatst
ouders voor een moeilijke afweging en voor hulpverleners zijn er geen
richtlijnen om hiermee om te gaan.
 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.