Medicatie

Medicatie

Nursing Challenge: Pregabaline

Pregabaline wordt ingezet bij de behandeling van sommige soorten pijn, focale epilepsie en gegeneraliseerde angstaanvallen. Maak de toets bij dit artikel en verdien 1 accreditatiepunt.
Medicatie
doorbraakpijn

Snelwerkend fentanyl eerste keuze onvoorspelbare doorbraakpijn

Snelwerkende fentanylpreparaten zijn voortaan middelen van eerste keuze bij de behandeling van onvoorspelbare doorbraakpijn bij kanker.
Medicatie

Nursing Challenge: methotrexaat

Methotrexaat (MTX) is een foliumzuurantagonist die onder meer wordt toegepast bij kanker. Het middel grijpt in op de celdeling in het lichaam. De toets bij dit artikel levert 1 accreditatiepunt op.
EBP

EBP: Helpen cannabinoïden tegen misselijkheid en braken door chemo?

Veel patiënten die chemotherapie ondergaan, hebben last van misselijkheid en braken. Kunnen cannabinoïden, zoals CBD-olie, deze klachten verlichten?
Medicatie
Medicatie

Deze medicatie hoeft niet meer dubbel gecontroleerd te worden

De lijst van medicatie die dubbel gecontroleerd moet worden, is onlangs geactualiseerd. Een aantal geneesmiddelen is van de lijst gehaald, een aantal is toegevoegd.
Medicatie

Nursing Challenge: immuuntherapie

Kanker ontstaat door problemen in het immuunsysteem. Daarom wordt tegen steeds meer soorten kanker immuuntherapie ingezet. In dit artikel aandacht voor checkpoint inhibitors. Met de toets verdien je 2 accreditatiepunten.
Medicatie

Wetenschap: Anti-emeticum aprepitant veilig bij fentanyl

Het veel gebruikte anti-emeticum aprepitant verhoogt de concentratie van fentanyl in het bloed niet. Ook maakt het voor de werking niet uit of de fentanylpleister op de bovenarm of op de borstkas zit.
Medicatie

‘Let op huidkanker bij gebruik hydrochloorthiazide’

Mensen die langdurig hydrochloorthiazide (HCT) gebruiken maken meer kans op basaalcel- en plaveiselcelcarcinoom. Gebruikers van het middel en behandelaars moeten daarom extra alert zijn op signalen van huidkanker.
Medicatie
verpleegkundigen kunnen alerter zijn op signalen van neuropathie bij oncologische patiënten

Neuropathische klachten door chemotherapie: wat moet je weten

Chemotherapie kan allerlei bijwerkingen geven, waaronder neuropathische klachten als tintelingen en doofheid in ledematen. Deze kunnen patiënten jaren later nog belemmeren in het dagelijks leven.
Medicatie
1pillen.jpg

Gebruik fentanyl en oxycodon toegenomen

Hoe kan dit gebruik zo toegenomen zijn?

Over medicatie

Geneesmiddelen

Zorg voor medicatie: uitzetten, klaarzetten, aanreiken of toedienen van medicijnen.

Lees meer

De arts schrijft medicijnen voor, op basis van indicatie, rekening houdende met contra-indicaties en mogelijke interacties. Als de patiënt de medicatie niet zelf kan beheren, is de verpleegkundige verantwoordelijk voor het aanreiken, toedienen, uitzetten, klaarzetten en beheren van medicijnen.

Medicatieveiligheid

Medicatieveiligheid gaat over alle activiteiten die zijn gericht op juiste voorschrijving, aflevering en gebruik van geneesmiddelen. Met als doel dat
– de juiste cliënt
– het juiste medicijn
– op de juiste tijd
– in de juiste hoeveelheid en dosering
– en op de juiste wijze krijgt toegediend

Medicatiefout

Een medicatiefout is elke fout in het proces van voorschrijven, ter hand stellen/afleveren, opslag/beheer, gereedmaken, toedienen/registreren en evalueren, ongeacht of er schade is opgetreden.
Veelvoorkomende oorzaken:
– Geen duidelijke toedienlijst: niet weten wat te moeten geven.
– Zelf maken van een medicijnlijstje: de gegevens zijn niet goed overgenomen.
– Storingen tijdens het werken met medicatie: onvoldoende aandacht bij de voorbereidingen en het toedienen van de medicijnen.
– Geen duidelijke afspraken in het zorgleefplan: voor de toediener is niet duidelijk waar hij/zij verantwoordelijk voor is.
– Geen goede toedienregistratie: er is niet afgetekend, dus is het niet duidelijk of de cliënt medicatie heeft gekregen.
– De instructie is niet duidelijk: toediener weet niet waarop te letten.
– Geen kennisgenomen van de bijsluiter: toediener weet niet wat hij/zij geeft.
– Geen volledig ingevuld uitvoeringsverzoek bij injecties: er zijn onvoldoende gegevens om verantwoord te handelen.

Bijwerkingen en interactie

Omdat de werkzame stoffen van een geneesmiddel door het hele lichaam zitten, kan er ook een ongewenste lichamelijke reactie op een niet beoogde plek optreden. Veel voorkomende bijwerkingen zijn duizeligheid, hoofdpijn en maag- en darmklachten, zoals diarree en buikpijn. Ook kan iemand allergisch of overgevoelig zijn voor geneesmiddelen, wat zich kan uiten in jeuk, huiduitslag of benauwdheid.

Bij gelijktijdig gebruik van meerdere medicijnen kunnen deze elkaars werking positief of negatief beïnvloeden (interactie). Dit kan ook gebeuren tussen recept-medicijnen en zelfzorgmedicijnen en tussen zelfzorgmedicijnen onderling. Ook interactie met voedsel of dranken is mogelijk, zoals alcohol, melk of grapefruitsap. Een probleem – vooral bij ouderen – is polyfarmacie: het gebruik van meerdere medicijnen.

Afhankelijkheid en verslaving

Volgens de DSM-IV TR2 is afhankelijkheid of misbruik van een middel een patroon van onaangepast gebruik van een middel dat significante beperkingen of lijden veroorzaakt. Zoals: het middel wordt langer – of in hogere dosering – gebruikt dan gepland. Soms treden ook  fysiologische verschijnselen op, zoals tolerantie: de patiënt heeft steeds meer nodig om hetzelfde effect te bereiken. Er kan ook sprake zijn van selectieve tolerantie, bijvoorbeeld: na enkele dagen opioïdgebruik blijft het pijnstillend effect en verdwijnt de misselijkheid. Bij gebruik van een middel dat alleen gericht is op vermindering van een gezondheidsprobleem, zoals pijn, is geen sprake van verslaving. Wel kan lichamelijke afhankelijkheid ontstaan. Dit betekent dat bij plotseling staken van het middel lichamelijke ontwenningsverschijnselen zijn te verwachten..

Oplaaddosis, insluipen, uitsluipen

Bij een medicamenteuze behandeling moet de gewenste concentratie van het geneesmiddel zo snel mogelijk de bloedbaan bereiken. Soms is daarvoor een hogere aanvangsdosering (oplaaddosis) nodig (zoals bij digoxine, en anticoagulantia, zoals acenocoumarol, fenprocoumon, warfarine).

Insluipen is het geleidelijk verhogen van de dosis in de loop van dagen of weken. Onder meer om de kans op bijwerkingen te verminderen. Doorgaans is bij het stoppen met medicatie de plasmaspiegel na vijf keer de halfwaardetijd zo laag dat geen effecten meer optreden. Bij sommige geneesmiddelen is uitsluiping (geleidelijk verlagen van de dosis) nodig om onttrekkingsverschijnselen of het reboundfenomeen te voorkomen. Bijvoorbeeld bij anti-epileptica en corticosteroïden. Het reboundeffect houdt in dat na staken van het middel, de symptomen waarvoor het middel werd gebruikt (tijdelijk) terugkeren, soms in heviger mate.

Halfwaardetijd

De halfwaardetijd is de tijd waarna nog maar de helft van het geneesmiddel in het bloed is. Enige tijd na inname wordt een evenwicht bereikt: de ‘steady state’. De opgenomen hoeveelheid geneesmiddel is dan gelijk aan de hoeveelheid die wordt uitgescheiden. Als de steady state hoger wordt – bijvoorbeeld door het verhogen van de dosis-, kan dat ertoe leiden dat je buiten het therapeutisch gebied komt. Hiermee stijgt het risico op toxiciteit, en dus ernstige bijwerkingen.

Uitgelicht congres

Nursing Congres Oncologie in de Thuiszorg

ReeHorst

Nursing Congres Oncologie in de Thuiszorg

ReeHorst

Het Diabeteszorg congres

ReeHorst

Werken met Thuiswonende Kwetsbare Ouderen

Nursing Experience

Congres Kleinschalig Zorgen

ReeHorst

Ouderenpsychiatrie in de praktijk

Van der Valk hotel

Het Maag Darm Lever congres

ReeHorst

Dag van de Revalidatiezorg

Van der Valk

Dag van de Medicatieveiligheid

ReeHorst

Omgaan met complex gedrag in de ouderenzorg

Van der Valk

Nursing Brein College

ReeHorst

Nursing Pijn Congres

Het Jaarcongres Palliatieve Zorg

ReeHorst

Nursing Festival

De Landgoederij

Dag van de Wijkverpleging

ReeHorst