Wondzorg

Wondzorg
Nursing Challenge: eerste toets over wondzorg

Postoperatieve wondzorg bij haarnestcystes in de bilspleet

Een sinus pilonidalis is een haarnestcyste, meestal in of net boven de bilspleet. Meestal is chirurgische behandeling noodzakelijk. De wondheling verloopt vaak moeizaam. In dit artikel de verpleegkundige aandachtspunten.
Wondzorg
Foto van een vergrootglas

Wetenschap: Flaminal® en Flamazine® even effectief bij tweedegraads brandwond

Flaminal® en Flamazine® zijn ongeveer even effectief in de behandeling van brandwonden. Toch heeft Flaminal® de voorkeur, stelt AIOS Chirurgie Zjir Rashaan.
Wondzorg

Hoe bescherm je de huid onder een neusmondmasker en corona-skibril?

Na uren een neusmondmasker en/of een ‘skibril’ dragen, gaat de huid soms kapot. Wondexpert Ron Legerstee geeft advies.
Wondzorg
Nursing Challenge: eerste toets over wondzorg

Wondcasus: gipstherapie bij een diabetisch hielulcus

Meneer Beckers heeft een diabetisch voetulcus aan de linker hiel. De arts besluit om gipstherapie toe te passen om het oedeem te verminderen en de hiel drukvrij te leggen. We beschrijven de wondbehandeling stap voor stap.
Wondzorg

7 tips voor het beperken van pijn bij een wond

Wondzorg gaat vaak gepaard met pijn. Wat kun je als verpleegkundige doen om die pijn zoveel mogelijk te beperken?
Wondzorg

Wondverpleegkunde: eerste opleidingen en instellingen CZO-erkend

De eerste opleidingen wondverpleegkunde in Nederland hebben erkenning van het College Zorg Opleidingen (CZO) ontvangen. Ook zijn 4 zorginstellingen erkend voor het praktijkgedeelte.
Wondzorg

Wetenschap: kwaliteit van leven na brandwond herstelt vooral in eerste 6…

Herstel van de gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven (GKvL) vindt bij volwassenen met een brandwond vooral plaats in de eerste 6 maanden na het ongeval. Dit is een van de conclusies die gezondheidswetenschapper Inge Spronk trekt in haar proefschrift. 
Wondzorg

Zo verzorg je je kapotte en verweekte handen in coronatijd

Door het vele wassen en het soms langdurig dragen van handschoenen krijgt de huid van je handen het zwaar te verduren. Hoe verzorg je haar het beste? We stelden 7 vragen aan dermatologie-deskundige Carla Uppelschoten.
Wondzorg

Incontinentie-geassocieerde dermatitis: richtlijn geeft tips over voorkomen en behandelen

Onlangs verscheen in België een richtlijn voor de preventie en behandeling van incontinentie-geassocieerde dermatitis (IAD). Wat zijn de belangrijkste punten?
Wondzorg
wondzorg

Wondcasus: oncologisch ulcus op het onderbeen

Mevrouw Mertens heeft een traag groeiende bult op het rechteronderbeen. Het blijkt om een sarcoma te gaan. De tumor wordt weggehaald, maar komt helaas weer terug.

Over wondzorg

Wat moet je weten over wondzorg?

Ulcus cruris, oncologische wonden, decubitus. En natuurlijk diabetische voet en brandwonden. Wonden die je als verpleegkundige regelmatig tegenkomt. Via deze themapagina vind je informatie die je nodig hebt voor een goede wondverzorging.

Lees meer

Of je nou verpleegkundige bent in een algemeen ziekenhuis, wijkverpleegkundige of verpleegkundige in de wijk, je komt meestal in aanraking met wondzorg. Het kan gaan om wonden met verschillende oorzaken: een operatie, een trauma (bijvoorbeeld brandwonden), of doorliggen (decubitus). Hoewel een juiste wondzorg belangrijk is voor de genezing van de wonden, spelen ook andere aspecten een rol. Denk aan de invloed van voeding op de wond, invloed van medicatie op de wond en onderliggende ziekten of aandoeningen zoals diabetes mellitus of circulatiestoornissen.

Genezing van een wond

De genezing van een wond bestaat uit drie fasen: reactiefase, regeneratiefase en rijpingsfase. Soms wordt een aparte vierde fase (littekenvorming) genoemd, maar die wordt ook wel als onderdeel van de rijpingsfase gezien. In een grote wond kunnen soms meerdere fasen tegelijk voorkomen; een wond kan echter pas dichtgaan als ook de laatste fase doorlopen is.

Zwart-geel-rood

Een kleurenclassificatiemodel dat internationaal gebruikt wordt, is het model van de Woundcare Consultant Society (WCS): zwart-geel-rood. Door naar de wond te kijken en de kleur van het wondbed vast te stellen, is te bepalen in welke fase van wondgenezing de wond zich bevindt. Aan de hand hiervan worden behandeldoelen geformuleerd en verbandmateriaal gekozen. Indien in een wond meer dan één kleur voorkomt, dient de wond behandeld te worden volgens de ernstigste fase. Er wordt steeds naar een rode (granulerende) wond toegewerkt. Dit model is toepasbaar op bijna alle wonden; brandwonden en oncologische ulcera vormen een uitzondering.

Zwarte wond

‘Zwart’ houdt in dat er necrotisch weefsel (debris, dood weefsel) in de wond aanwezig is. Necrose hoeft niet altijd zwart te zijn, de kleur kan ook bruin-grijs-geel zijn. Een zwarte wond bevindt zich in de reactiefase: debris moet opgeruimd worden.

Gele wond

Een gele wond is bedekt met gelig beslag, een dikke, half vloeibare, soms taaie laag. Dit zijn celresten en eiwitten. Ook deze laag moet verwijderd worden. Een gele wond bevindt zich ook in de reactiefase: het gele beslag moet weg voordat het wondbed geschikt is om granulatieweefsel te vormen. Vaak produceren deze wonden veel exsudaat (wondvocht).

Rode wond

Deze wond bevindt zich in de regeneratiefase: het wondbed wordt bedekt met granulatieweefsel. Dit weefsel is korrelig, glanzend-vochtig en helderrood van kleur. Het is zaak het wondbed te beschermen en uitdroging moet voorkomen worden.

Anamnese

Tijdens de wondanamnese is het belangrijk dat de verpleegkundige aandacht besteedt aan: oorzaak van de wond, wanneer en hoe ontstaan; type wond en plaats van de wond; onderliggende pathologie/leefgewoonten/medicatie en eventuele (negatieve) invloed op wondgenezing (voorbeelden hiervan zijn vaatlijden, diabetes mellitus, roken en corticosteroïden); voedingsinname (zoals eiwitten, vitaminen en vocht); mobiliteit; wondverzorging tot dan toe, wie zijn erbij betrokken, hoe; kennis bij patiënt over wondgenezing en beïnvloedende factoren. Er zijn verschillende observatiepunten om een wond en het genezingsproces van de wond te beoordelen. Deze observatiepunten zijn ook nodig om het juiste verbandmateriaal te kiezen: kleur (zie ‘classificatiemodel’); grootte, diepte en vorm; houd rekening met ondermijningen onder de wondrand (houding kan van invloed zijn op bijvoorbeeld de diepte van een wond; meet altijd op dezelfde manier/in dezelfde houding; met behulp van wondfolie kan de omtrek/vorm vastgelegd worden); wondranden (verweking, irritatie); exsudaat (mate waarin vocht geproduceerd wordt door de wond); geur (een sterke of afwijkende geur is vaak een aanwijzing voor een wondinfectie); pijn (verergering kan duiden op een wondinfectie, maar ook op een verkeerde verzorgingsmethode of verkeerd verbandmateriaal); ontstekingsverschijnselen (roodheid, zwelling, warmte, pijn of gestoorde functie).

TIME-model

Het TIME-model is een handig hulpmiddel om stapsgewijs een wond te beoordelen zodat alle belangrijke aspecten meegenomen worden:
T = tissue (wat is de kleur van de wond?);
I = infection (is de wond geïnfecteerd?);
M = moisture (is de wond droog, vochtig of nat?);
E = edge (hoe zijn de wondranden?).

Wond bedekken

De keuze van het verbandmateriaal wordt gemaakt op basis van de eerder genoemde observatiepunten. Daarnaast spelen aspecten als gebruiksgemak en kosten een rol. Naast het stimuleren van wondgenezing beschermt het verband de wond ook tegen invloeden van buitenaf (stoten, bacteriën). Sommige verbandmaterialen zijn direct te fixeren (bijv. door een plakrand die aan het materiaal vastzit). Andere verbandmaterialen zullen met secundair materiaal gefixeerd moeten worden. Belangrijk hierbij is dat het verband goed blijft zitten, comfortabel aanvoelt voor de patiënt en dat de patiënt voldoende bewegingsruimte heeft. Materialen om mee te fixeren zijn pleisters, zwachtels, net- of buisverbanden.

Verpleegkundig specialisten op wondgebied

In veel instellingen is een speciaal opgeleide verpleegkundige op het gebied van wondzorg werkzaam. Voorbeelden zijn: wondconsulent, decubitusconsulent, verpleegkundig specialist wondzorg en wondverpleegkundige. In elke instelling wordt de functie op een eigen manier ingevuld. De één is met name als consulent werkzaam (klinisch en/of poliklinisch) en zal medewerkers advies en scholing geven over wondverzorging en te gebruiken materialen. De ander heeft bijvoorbeeld een eigen spreekuur op de polikliniek en behandelt en volgt zelf patiënten. Aangezien veel verschillende disciplines betrokken zijn bij (complexere) wondzorg, is het zeker voor de patiënt prettig als er één aanspreekpersoon is. Om ook na ontslag continuïteit te kunnen garanderen is een wondspecialist hier de aangewezen persoon voor.

Uitgelicht congres

Het Diabeteszorg congres

ReeHorst

Nursing Experience

ReeHorst

Het Wondzorg congres

ReeHorst

Congres Kleinschalig Zorgen

ReeHorst

Masterclass Klinisch Redeneren

ReeHorst

Het Maag Darm Lever congres

ReeHorst

Masterclass Klinisch Redeneren

ReeHorst

Masterclass Klinisch Redeneren

ReeHorst

Het Diabeteszorg congres

ReeHorst

Het Wondzorg congres

Het Wondzorg congres

ReeHorst

Nursing Experience

ReeHorst

Masterclass Klinisch Redeneren

Landgoed Zonheuvel