Wet zorg en dwang: verpleegkundigen oefenden met het stappenplan en dit valt hen op

Wijkverpleegkundigen en andere zorgverleners oefenden de afgelopen maanden met het stappenplan uit de Wet zorg en dwang. Vooral de zorgverleners die in de thuiszorg werken hebben nog veel vragen, blijkt uit de evaluatie.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Bij onvrijwillige zorg is een stappenplan volgen nodig. Sommige wijkverpleegkundigen oefenden daar al mee.

Bij 6 zorgorganisaties werden pilots Wet zorg en dwang gedaan, waarvan 1 thuiszorgorganisatie, namelijk Thuiszorg Groot Gelre, en verder bij 2 organisaties met kleinschalig wonen en 3 zorgorganisaties voor mensen met een verstandelijke beperking. Adviesbureau Significant Public begeleidde de organisaties.

Zorgplannen bespreken

Bij Thuiszorg Groot Gelre bekeken zorgverleners de zorgplannen van 4 cliënten met dementie en bespraken ze, mede aan de hand van het stappenplan in de wet, hoe de zorg anders kan of moet nu de wet is ingegaan. De cliënten en familieleden waren hiervan op de hoogte. Onvrijwillige zorg is niet toegepast.

Ook de andere zorgorganisaties bespraken bestaande zorgplannen in multidisciplinair overleg en toetsten deze aan de nieuwe wet. In de meeste casussen was een (wijk)verpleegkundige verantwoordelijk voor het opstellen van het stappenplan.

Knelpunten

Vragen en zorgen over de uitvoering van de nieuwe wet zijn er vooral bij de ambulant werkende zorgverleners. Voor de meesten is onvoldoende duidelijk wie welke verantwoordelijkheid heeft of krijgt.

Rol huisarts onduidelijk

Welke rol kan de huisarts nemen, vragen de zorgverleners die oefenden met het stappenplan zich af. Sommigen zeggen geen onvrijwillige zorg toe te passen tot ze daarover met huisartsen afspraken hebben gemaakt.

Huisartsen bepalen zelf hun rol bij onvrijwillige zorg, schreef minister De Jonge van VWS in een Kamerbrief van 20 januari 2020. De beroepsvereniging van huisartsen LHV vindt dat huisartsen geen rol kunnen hebben bij onvrijwillige zorg thuis, niet in de besluitvorming en niet in de uitvoering.

Hoe wilsonbekwaamheid vaststellen?

Nog een knelpunt gaat over het vaststellen van wilsonbekwaamheid. Het stappenplan volgen moet in sommige situaties ook als de cliënt wilsonbekwaam is, ook al is er geen verzet van de cliënt of de vertegenwoordiger. Een ‘ter zake deskundige die niet direct bij de zorg betrokken is’ (zoals een specialist ouderengeneeskunde) moet vaststellen of de cliënt wilsonbekwaam is of niet.

Hoe kan een arts die de cliënt niet kent beoordelen of hij wilsbekwaam of wilsonbekwaam is, aldus de zorgverleners die de pilots deden. Ze vragen zich ook af hoe vaak deze beoordeling nodig is.

Wanneer het stappenplan volgen nodig is als de cliënt wilsonbekwaam is lees je in dit stroomschema dat Nursing maakte.

Andere vragen

Voor de zorgverleners die de pilots Wet zorg en dwang deden is ook onvoldoende duidelijk wat nu precies ‘verzet’ is. Als een cliënt een paar keer ‘nee’ zegt en daarna wel instemt, is er dan wel of geen sprake van verzet?

Nog een knelpunt is dat vertegenwoordigers soms strengere maatregelen willen dan cliënten en/of zorgverleners. De nieuwe wet maakt dit bestaande dilemma zichtbaarder, blijkt uit de evaluatie. Wat te doen als de cliënt zich niet wil laten douchen of niet wil dat incontinentiemateriaal verschoond wordt, maar de familie wel? Nog vaker het gesprek over dit soort vragen het gesprek aangaan met familieleden, zeggen de pilotorganisaties.

Positief

Uit de evaluatie blijkt ook dat zorgverleners merken dat ze veel minder vaak onvrijwillige zorg toepassen dan ze dachten, en dat ze dus ook veel minder vaak het hele stappenplan hoeven te doorlopen. Positief vinden ze ook dat het werken volgens deze wet leidt tot meer bewustwording.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.