Probleemgedrag bij dementie: een puzzel

Aan probleemgedrag bij dementie kan zeker wat worden gedaan. Voorwaarde daarvoor is methodisch en multidisciplinair werken, meldt de richtlijn die hier pasgeleden over verscheen. In het verpleeghuis gaat dat meestal wat makkelijker dan in de thuiszorg.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Te weinig prikkels (verveling) is een niet altijd onderkende oorzaak van onrustgedrag.

Dit artikel is verschenen in Nursing-magazine mei 2018

Het thuiszorgteam van wijkverpleegkundige Saskia Hagel kreeg mevrouw A. in zorg. Mevrouw was dementerend, alleenwonend en had weinig contact met haar kinderen. Ze was initiatiefloos, zat alleen nog op haar stoel. ‘Ze verpieterde’, zegt Hagel. ‘Zelf zag ze dat totaal niet zo. Ze wilde geen hulp aanvaarden of naar de dagopvang. In onze organisatie Tangenborgh hebben we de luxe dat we kunnen terugvallen op een vast multidisciplinair overleg (mdo) voor de wijkzorg, met een specialist ouderengeneeskunde, psycholoog en casemanager dementie, waar we ook deze cliënt hebben ingebracht. Alles wat we daar afspreken,

0
3548

Wil je dit premium artikel verder lezen?

Sluit eenvoudig een gratis proefmaand af of neem een abonnement om dit artikel en alle andere premium berichten onbeperkt te lezen. Wil je dit?

Ben je al abonnee? Log dan in en lees verder

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.