Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Nursing Challenge | Dit zijn de verpleegkundige classificaties bij behandelingen bij longkanker

Hoe kunnen verpleegkundige classificaties je helpen om complicaties na chirurgische behandeling van longkanker vast te leggen in het zorgplan? Classificatiedeskundige Friso Raemaekers* licht toe.
Foto: iStock

Patiëntperspectief

In de Nursing Challenge over behandelingen bij longkanker staan fysiologische complicaties van de behandelingen centraal. In plaats daarvan kun je ook het patiëntperspectief als uitgangspunt nemen. Als verpleegkundige breng je dan de gezondheidsbeleving in kaart, het eerste gezondheidspatroon van Gordon1. Want: leren omgaan met de ziekte start met de vraag in hoeverre de patiënt de diagnose kanker accepteert.

Het zorgresultaat Zelfmanagement: kanker (NOC 3114) omvat veel verschillende aspecten rondom het welbevinden, zoals de acceptatie van de diagnose, opvattingen over de diagnose, mate van therapietrouw, alertheid op depressieve stoornissen, strategieën om met nadelige effecten en pijn om te gaan, het handhaven van een gezonde leefstijl en het onderhouden van relaties met vrienden en familie. Hiermee worden problemen gerelateerd aan de patiëntbeleving, zoals angst, zorgen, stigma en survivorship gestructureerd vastgelegd.

Longkanker: vormen, prognose, behandeling

Lees ook de andere artikelen over longkanker:
Nursing Challenge | Behandelingen bij longkanker
Longkanker | Soorten, stadia en prognose

Medische complicaties

Overvulling

Een belangrijke fysiologische complicatie na longchirurgie waarop de verpleegkundige preventief beleid (beperking van de vochttoediening) moet voeren, is overvulling. Omdat er geen verpleegkundige diagnose bestaat om het risico op overvulling weer te geven, zou je direct postoperatief de verpleegkundige diagnose Overvulling van vocht (NANDA 00026) in het zorgplan op kunnen nemen. Net zo lang totdat is vastgesteld dat de vochthuishouding van de patiënt weer op orde is en het lichaam weer een normaal vochtvolume aan kan.

Pneumonie

Ook kan een pneumonie ontstaan. Hiervoor is de verpleegkundige diagnose Ineffectieve luchtwegreiniging (NANDA 00031) bruikbaar. Bepalende kenmerken zijn onder meer: niet hoesten, ineffectief hoesten, bradypneu, orthopneu, tachypneu, veranderd ademritme en afwijkende ademhalingsgeluiden. De etiologie bestaat niet alleen uit de pijn zelf, maar ook uit de vrees voor pijn. Dus alleen al de verwachting dat er pijn kan komen bij dieper doorzuchten en hoesten, maakt de ademhaling oppervlakkiger. Passende interventies hiervoor zijn:

Ophoesten, bevordering (NIC 3250), en

Pijnbestrijding: acuut (NIC 1410).

Hartritmestoornissen

Verder zijn hartritmestoornissen te verwachten in deze patiëntencategorie. Het is aan de verpleegkundige om deze vroeg te signaleren door frequent de vitale functies (bloeddruk, pols temperatuur en ademhaling) te meten, afwijkende waarden te signaleren en acties uit te zetten. Deze interventie heet Vitale functies bewaken (NIC 6680). Ook de interpretatie van de metingen is van belang: bewaak trends in de waarden en zet ze af tegen referentiewaarden. Beoordeel binnen deze interventie ook de kleur, temperatuur en vochtigheid van de huid, het ritme van de ademhaling (ademhalingspatronen) en het hartritme (regelmatig of onregelmatig).

* Friso Raemaekers is deskundige verpleegkundige verslaglegging bij het Haaglanden Medisch Centrum in den Haag, regiocoördinator van het NANDA-I Netwerk en ExpertNetwerk Verpleegkunde van Nursing en TvZ. www.friso.blog

De in dit artikel genoemde verpleegkundige diagnoses zijn onderdeel van Nanda, NIC en NOC, ook eenvoudig digitaal te raadplegen in de Nanda NIC NOC-tool. Lees ook ‘Indiceren gaat niet om zorgtaken toewijzen’ en andere interessante artikelen over verpleegkundige classificaties.

Waarom verpleegkundige classificaties?

Het classificeren van verpleegkundige zorg maakt deze niet alleen inzichtelijk en meetbaar, maar draagt er ook aan bij dat iedereen op dezelfde manier rapporteert. Dat helpt om onderbouwd verbanden te leggen tussen symptomen, oorzakelijke factoren en het effect van interventies. Ook helpen verpleegkundige classificaties je gerichter naar patiënten te kijken, en de juiste keuzes te maken.

Bron:

  1. Gordon, M. (2004). Verpleegkundige diagnostiek: Proces en toepassing. Maarssen: Elsevier Gezondheidszorg.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.