Discussie over beroepstitels laait opnieuw op

Veel verpleegkundigen doen een laatste poging om iets aan de nieuwe beroepstitel regieverpleegkundige te veranderen, getuige de vele reacties op de internetconsultatie over de herziene Wet BIG. De minister van volksgezondheid gaat de suggesties onderzoeken.

Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Wet BIG beroepstitel
Veel reacties op herziene Wet BIG

De Wet BIG II regelt een aantal een aantal belangrijke zaken voor het verpleegkundig beroep, zoals het officiële onderscheid tussen de mbo- en hbo-verpleegkundige en de bijbehorende nieuwe beroepstitels. Voordat deze Wet BIG-II naar de Tweede Kamer gaat, is er tot en met 18 februari nog een laatste publiekelijke inspraakronde in de vorm van een internetconsultatie. In de eerste weken hebben tientallen verpleegkundigen daar gebruik van gemaakt.

Naar aanleiding van de internetconsultatie lijkt de discussie over de nieuwe beroepstitels weer opnieuw op te laaien. Regieverpleegkundige, zo luidt in het wetsvoorstel nog steeds de nieuwe naam van de hbo-verpleegkundige, ondanks protesten uit de beroepsgroep. Veel verpleegkundigen doen een laatste poging om iets aan de naam te veranderen, getuige de vele reacties op de internetconsultatie. ‘Regieverpleegkundige lijkt de lading niet te dekken. Hbo-verpleegkundige zou iets kunnen zijn’, schrijft een verpleegkundige uit het Radboudumc. ‘Regieverpleegkundige lijkt ons niet nodig’, schrijft José Groeneveld, vice-voorzitter van de verpleegkundige adviesraad (VAR) van het Máxima Medisch Centrum in Eindhoven. ‘Waarom niet mbo- en hbo-verpleegkundige?’

Nu of nooit

Ook  andere VAR’s maken bezwaar tegen de naam. VAR-voorzitter Lieke van Puijenbroek en zorgmanager Rita Arts van het. Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis (ETZ) hadden al eerder in een brief opgeroepen de titel ‘regieverpleegkundige’  te laten vallen. ‘Het is nu of nooit’, benadrukt Lieke van Puijenbroek over de telefoon. ‘We krijgen maar één gelegenheid om het goed te regelen en dat is nu.’ Ook volgens haar dekt regieverpleegkundige de lading niet. ‘Het is een van de rollen van de verpleegkundige en die moet je niet verwarren met het beroep. Daarbij is de regisseursrol nou niet de rol waarop mbo- en hbo-functies zich onderscheiden. Het onderscheid tussen de twee niveaus blijkt vooral te liggen in leiderschap, EBP, klinisch redeneren en coaching. Daarnaast is de regieverpleegkundige binnen veel specialismen een bestaande functie, een soort casemanager. Ook voor de patiënt is de naam uiterst verwarrend. Wij zijn voorstander van de titel hbo-verpleegkundige of verpleegkundige BN, waarbij de afkorting staat voor Bachelor of Nursing.’

Voor beroepsvereniging V&VN was regieverpleegkundige evenmin eerste keus, maar kwam de naam er toch bij gebrek aan beter. De meest genoemde optie verpleegkundige Bachelor of Science in Nursing (afgekort BScN) heeft V&VN juridisch laten onderzoeken en ligt juridisch moeilijk, omdat bachelor een beschermde opleidingstitel is. Een andere naam die in de internetconsultatie veel wordt geopperd, is ‘hbo-verpleegkundige’. Een woordvoerder van het ministerie van volksgezondheid laat desgevraagd weten dat deze naam net als de andere opties uit de internetconsultatie, in overweging wordt genomen. ‘We gaan kijken of ze juridisch haalbaar, inhoudelijk logisch en toekomstbestendig zijn.’ V&VN vindt het belangrijker dat het wetsvoorstel nu eindelijk doorgang vindt, dan de discussie opnieuw te laten oplaaien, staat te lezen op de website. ‘De titeldiscussie mag geen vertragende factor zijn.’

Reageren op de Wet BIG II kan nog tot 18 februari via de internetconsultatie.

 

10 REACTIES

  1. #S
    Bij deze 2 links waar je kan lezen hoe de toekomstige mbo en hbo functies eruit kunnen gaan zien.
    https://www.nvz-ziekenhuizen.nl/_library/36927/NVZ_functieprofielen.pdf
    https://www.amphia.nl/-/media/Files/AMPHIA-Handboek-Proeftuin.pdf

    Hieruit blijkt duidelijk dat er voor de mbo verpleegkundigen en de inserviceverpleegkundigen (die ten onrechte als mbo-er worden aangemerkt)
    een uitholling van hun functie zal plaatsvinden: geen complexe zorg, geen “oudste diensten” niet meer hbo-ers coachen maar juist door de hbo collega gecoacht worden!
    En dat terwijl veel van deze verpleegkundigen vaak al tientallen jaren hetzelfde werk doen als de hbo verpleegkundigen (en andersom)!
    De overgangsregeling gaat hier volledig aan voorbij!
    De diverse betrokken partijen (het ministerie, de stuurgroepleden, de V&VN)
    doen voorkomen alsof er niets veranderd voor de toekomstige verpleegkundige maar dat is dus niet waar!
    Blijkbaar zijn de belangen van de mbo en inservice verpleegkundigen van ondergeschikt belang en is de positionering van de hbo verpleegkundigen het belangrijkste doel in deze.
    Dat blijkt ook uit het feit dat in het voorstel élke verpleegkundige die ooit hbo is opgeleid zich zonder meer als regie verpleegkundige mag registeren zonder naar werkervaring, bijscholing etc te kijken (terwijl zij toch ook echt niet volgens het nieuwe curriculum zijn opgeleid, dus bv. geen kennis van EPB) en deze mogelijkheid er niet zal zijn voor de mbo of inservice opgeleide verpleegkundige die wel complexe zorg e.d verleend! Het is zelfs maar de vraag of de gespecialiseerde verpleegkundige met inservice of mbo vooropleiding zich mag/kan registeren als regie verpleegkundige hoewel hun functie volledig overeenkomt met die van de regieverpleegkundige!

    Helaas moet ik constateren dat veel verpleegkundigen niet of onvoldoende op de hoogte zijn van deze ontwikkkelingen.
    Dus: verdiep je erin en laat je collega’s weten hoe het ervoor staat!
    En laat van je horen als je het er niet mee eens bent!

  2. Lees alle reacties
  3. Moeilijk te beoordelen nu over hoe het werk er in de toekomst in een ziekenhuis op een afdeling gaat uitzien. Wat “hoef” ik straks als inservice opgeleide verpleegkundige niet meer te doen, wat MAG ik niet meer doen wat ik tot op heden tot ieders tevredenheid wel doe en wat , heel belangrijk, gaan al mijn HBO collega’s extra doen naast hun gewone taken? Allemaal bijv. onderzoek? Helaas verdwijnen de afstudeerscripties van zowel MBO als HBO voor het overgrote deel toch echt in een grote la… maar dat is misschien niet overal zo. Zien HBO verpleegkundigen hun regietaken als bureauwerk? Wat zijn nu precies die regietaken? Hoe zijn die in de “proefziekenhuizen” ingevuld? Mijn ziekenhuis is nog niet zo ver. Ik vind zelf “regie” een heel breed begrip en kan er in de praktijk niet goed een invulling voor verzinnen. Bijv. regie mbt een ontslag van een patient, er bestaat bij ons een transferverpleegkundige die deze “regie” na een aanvraag door ons in kaart brengt en regelt voor deze client. Ben echt benieuwd. Kan me er nu zo weinig bij voorstellen, in de bijna dertig jaar dat ik in een ziekenhuis werk is er in de werkwijze zo ontzettend weinig veranderd. Maar zou dus graag willen weten hoe het in een proefziekenhuis verloopt. Misschien dat Nursing hier eens een artikel aan kan wijden? Dus hoe is werkdag ingevuld voor MBO? Hoe voor een HBO? Altijd een HBO aanwezig? Hoe is de tevredenheid bij beide groepen? Is daar al verschil in beloning? Duidelijk voor patienten? Gewoon dus de praktische invulling van het hele verhaal.

  4. En weer gaat het over de titel! HBO verpleegkundige moet het worden want er wordt na 45 jaar eindelijk onderscheid gemaakt tussen de mbo en hbo opgeleide verpleegkundigen.
    Dat de overgangsregeling totaal geen recht doet aan de praktijk waarin mbo, inservice en hbo verpleegkundige al 45 jaar hetzelfde werk doen en dat de functie van de “nieuwe verpleegkundige” een uitgeklede versie van de huidige is, dat is maar bijzaak!
    Misschien is het een goed idee dat de VAR leden zich bezig houden met de belangen van álle verpleegkundigen en niet alleen met de positie van de hbo verpleegkundigen!
    Wanneer je kijkt naar de praktijk kan je niet anders concluderen dat de voorgestelde overgangsregeling totaal geen recht doet aan mbo en inservice opgeleide verpleegkundigen.

  5. Een MBO-verpleegkundige kan nog weleens een hele goede regisseur zijn…heeft niet alleen met opleiding te maken, maar ook met eigen ervaring en hoe je bent, je eigen karkatereigenschappen.
    Is de HBO’er als regisseur wel opgewassen tegen deze MBO’ers?
    Want hoe gaat zij hiermee om als uitwijst dat zij juist die capaciteiten minder bezig dan dan de MBO-verpleegkundige.
    Immers waar de 1 goed in is , wil niet zeggen dat een ander dat niet kan..

  6. Geachte minister van Medische Zaken De heer Bruno Bruins,

    De kaarten zijn bijna geschud. Het wetsvoorstel nieuwe beroepsprofielen ligt er. Wat betekent dit nu voor mij? VenVN heeft bereikt dat inservice- en mbo opgeleide verpleegkundigen mét aanvullende opleidingen, die gecertificeerd zijn op niveau NLQF-6, zich kunnen registreren als regieverpleegkundigen. Dat biedt perspectief, dacht ik. Maar wat houdt niveau NLQF-6 eigenlijk in? Welke specialisaties worden hier benoemd? Dit is snel gevonden. Bij niveau NLQF-6 worden onder andere de dialyseverpleegkundige, de ambulanceverpleegkundige, de recoveryverpleegkundige en de spoedeisendehulpverpleegkundige genoemd. De oncologieverpleegkundige en geriatrieverpleegkundige komen niet in het rijtje voor. Begrijp ik nu goed dat je als mbo opgeleide verpleegkundige met de oncologie – en geriatriespecialisatie in de pocket je niet kunt inschrijven als regieverpleegkundige?
    Het lijkt erop dat het vooral gaat om de verpleegkundige met de meer technisch gerichte specialisatie. Maar als je verpleegkundig hart nu net niet daar ligt maar juist wel bij de (oudere) oncologiepatiënt? Samen met mijn collega’s zet ik mij dagelijks in om de zorg voor deze patiënten te waarborgen en optimaliseren. Inderdaad, binnen de oncologie komen minder vaak acute situaties voor en werken we minder protocollair dan op een SEH of IC. Maar onderschat deze zorg niet. Juist omdat deze patiëntengroep persoonsgerichte en multidisciplinaire zorg vraagt, wat niet altijd in een protocol te omschrijven is, vraagt dit veel van onze flexibiliteit en creativiteit en mentale veerkracht. En klinisch redeneren doen we net als iedere andere verpleegkundigen, het gaat immers vaak om complexe zorg. Daarbij heb of neem je de regie, of je nu mbo- of hbo opgeleid bent. De naam ‘regieverpleegkundige’ dekt daarom niet de lading.
    Er zal toch meer moeten zijn dan alleen de NLQF-6 eis? U begrijpt toch ook wel dat niet iedere HBO verpleegkundige automatisch functioneert als regieverpleegkundige? En kun je de inservice opleiding van toen gelijkstellen met de hbo opleiding van nu? De ziekenverzorgende van toen heeft toch ook plaats gemaakt voor de verzorgende IG van nu. Opleidingen zijn constant in ontwikkeling. Daarom terecht dat de inservice opgeleide verpleegkundige net als de mbo-er een vervolgopleiding gedaan moet hebben. Nu rest nog de vraag; welke opleiding wordt bedoeld? Ik begrijp dat het een hele klus zal zijn om iedere verpleegkundige individueel te beoordelen. Maar er zal toch meer moeten komen om de juiste afweging te kunnen maken om tot het nieuwe register te worden toegelaten. Relevante werkervaring moet zeker worden meegenomen.
    De afgelopen jaren heb ik met veel enthousiasme mijn Kwaliteitsregister van V&VN bijgehouden. Ik lees vakliteratuur, ga naar symposia en congressen om de ontwikkelingen binnen mijn vakgebied bij te houden. Ik ben altijd actief lid geweest van verschillende werkgroepen. Ik heb protocollen en artikelen geschreven. Ik ben gastdocent omdat ik het belangrijk vind dat kennis wordt gedeeld. Ik doe niet zo maar mijn werk maar oefen een vak uit met betrokkenheid en passie. Wat kan ik nog meer doen aan deskundigheidsbevorderende activiteiten om mij te onderscheiden?
    Het initiëren en regisseren van handelingen op het gebied van observatie etc. is straks voorbehouden aan de regieverpleegkundige. Zou dit bijvoorbeeld betekenen dat ik straks niet meer als oudste van dienst kan werken in de nachtdienst? Zo ook het initiëren, ontwikkelen en uitvoeren van activiteiten op het gebied van kwaliteitszorg. Het schrijven van protocollen of andere publicaties is straks niet meer voor de verpleegkundige weggelegd, zij mag ze gaan uitvoeren. Dit is misschien niet voor iedere verpleegkundigen een issue. Maar ik krijg juist energie van deze nevenactiviteiten.
    Ik wil niet dat de overheid mijn gedrevenheid en enthousiasme voor de zorg mij gaat ontnemen. Uit de grond van mijn hart hoop ik dat er een eerlijk en gedegen systeem komt om de deskundigheid van de verpleegkundigen te beoordelen voor de indeling van de nieuwe beroepsprofielen.

    Met vriendelijke groet,
    Een Oncologie – en geriatrieverpleegkundige

  7. Het opleidingsnivo geeft aan op welke functie(s) een verpleegkundige ingezet kan worden. Het zegt iets over denk- en werknivo. Een HBO- verpleegkundige is niet hetzelfde als een Inservice verpleegkundige en die zijn weer niet hetzelfde als een MBO-verpleegkundige. Het voeren van regie is iets wat ze allen al of niet kunnen.
    Noem de juiste naam en/of nivo en laat de mensen hun werk doen met het bijpassende salaris. (NB. Pas als de salariering omhoog gaat kunnen we eventueel van beloning spreken!).

  8. Volledig eens met phylos2; Verpleegkundige 1e deskundigheidsnivo en Verpleegkundige 2e deskundigheidsnivo lijkt ook mij het meest duidelijk.

    Regie (definitie); coördinatie, sturing, leiding
    Het voeren van regie heeft slechts te maken met de rol die je uitvoert binnen het werk. Ook een MBO verpleegkundige voert dus regie in eigen werk.

    Hebben die wetsvoorbereiders van het ministerie nou echt niets anders te doen ?
    Zorg als ministerie er nu eerst eens voor dat alle onnodige bureaucratie in het werk eraf gaat, geef vertrouwen aan de verpleegkundigen en pak daarmee de hoge werkdruk aan.

  9. Misschien kort door de bocht. Verpleegkundige 1e deskundigheidsnivo en Verpleegkundige 2e deskundigheidsnivo lijkt mij het meest duidelijk.
    Ook voor patienten. Die hebben niets met het elitair ‘geleuter’ van de verpleegkundigen onderling. Deze discussie wordt nu al sinds de beinjaren 70 gevoerd en we zijn geen stap verder wat dit betreft, ondanks (of dankzij?) het gepraat in werkgroepen en verschillende landelijke clubs. Verpleegkundigen op de werkvloer houden zich hier niet echt mee bezig. Zij willen ‘lekker’ werken en waardering en erkenning van hun leidinggevenden. De zwaarte van hun takenpakket (inclusief kennisniveau) wordt vastgesteld in de FWG en daaraan gekoppelde financiële beloning. Patienten – clienten willen kwalitatief goede zorg en aandacht en weten vaak heel goed van wie zij goede informatie mogen verwachten. En voor beide groepen is er best plek binnen de BIG.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.