Artikel bewaren

Je hebt een account nodig om artikelen in je profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Zo communiceer je beter met cliënten met dementie en hun mantelzorgers

Een nieuwe handreiking geeft verpleegkundigen adviezen om beter te communiceren met mensen met dementie, mantelzorgers en collega's.
Oudere cliënte in een rolstoel in haar woonkamer

De handreiking Communicatie met mensen met dementie, hun mantelzorgers en betrokken zorgprofessionals is een samenwerking van Trimbos-instituut, Nivel, Vilans, Alzheimer Nederland en V&VN. Hieronder noemen we eerst 5 praktische communicatie-adviezen  uit de handreiking. Daarna lichten we er 1 casus uit.

5 communicatie-adviezen bij dementie

  • Sommige getrouwde vrouwen identificeren zich in een latere fase van dementie alleen nog met hun meisjesnaam.
  • Bij boosheid of ontremd gedrag: geef gerust grenzen aan, met een vraag als ‘Ik vind het niet fijn dat u mij een tik geeft. Wilt u daarmee stoppen?’. Bij vergevorderde dementie heeft het gedrag benoemen niet altijd zin meer, dus zeg dan bijvoorbeeld ‘Stop hiermee’.
  • Om achter de oorzaak van gedrag te komen geeft de richtlijn probleemgedrag bij dementie van Verenso handvatten.
  • Om de expertise van de mantelzorger te benutten, gebruik zinnen als ‘We zijn samen zoekende naar wat nu de beste manier is om hier mee om te blijven gaan, en het lijkt me goed u en uw broers daar ook bij te betrekken.’
  • Geef je collega’s complimenten, zeker net na een moeilijke situatie. ‘Ik vind wel dat je er goed mee omgaat. Je blijft rustig en respectvol. Dat vind ik knap.’

Ouderenpsycholoog Sarah Blom deelde in een interview met Nursing ook adviezen over meebewegen bij dementie. Bijvoorbeeld: hoe sluit je toch aan bij de belevingswereld van een cliënt met dementie, als je in de wijkverpleging al zoveel andere dingen te doen hebt?

Casus dementie en diabetes

Een van de casussen in de handreiking gaat over de 86-jarige mevrouw De Jong, die diabetes heeft en zelfstandig woont. De wijkverpleging komt dagelijks langs om te helpen met insuline spuiten. Dat is tegen de zin van mevrouw De Jong.

Als wijkverpleegkundige Corrie langskomt loopt mevrouw De Jong onrustig door het huis. Dan ontstaat dit gesprek:

Mevrouw De Jong: ‘Moet dit nou allemaal? Ik heb het veel te druk en geen tijd.’

Corrie: ‘Ik zie dat u wat onrustig bent vandaag mevrouw.’ (Corrie benoemt wat ze ziet, in de hoop dat ze meer informatie krijgt over hoe ze mevrouw De Jong kan helpen)

Mevrouw De Jong: ‘Ik moet toch verder. En nu zit jij hier weer. Zo kan ik toch mijn werk niet af maken.’

Corrie sluit vervolgens aan bij wat ze weet over het vroegere werk van mevrouw De Jong. Zij was journaliste en heeft na de scheiding van haar man heel hard moeten werken om voor haar twee kinderen te kunnen zorgen.

Corrie: ‘Bent u weer een artikel aan het schrijven voor de krant?’

Mevrouw De Jong: ‘Dat klopt en het moet vandaag nog af. Ik heb dus geen tijd hiervoor.’

Corrie geeft mevrouw De Jong een duidelijk gemeend compliment:

Corrie: ‘Ik weet zeker dat u weer een mooi artikel gaat schrijven. Daar bent u zo goed in.’

Mevrouw De Jong: ‘Ja ik heb er al wel duizenden geschreven. En boeken ook natuurlijk.’

Corrie: ‘Heel knap van u. Weet u wat, ik help u snel met de insuline. Dan kunt u weer gaan schrijven.’

Mevrouw De Jong: ‘Ja dat is goed, schiet maar gauw op.’

Context handreiking

De adviezen in de handreiking zijn gebaseerd op literatuuronderzoek, interviews met zorgverleners, mantelzorgers en mensen met dementie, een knelpuntenanalyse en op de ervaringen van zorgverleners met de verschillende instrumenten. Dat zijn een gespreksleidraad, animaties en de praktische handreiking zelf.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.